Caceres uitgelicht

In Nederland wordt het licht aan het eind van een tunnel meestal na twee kilometer of iets meer, dus na een minuut of vier, zichtbaar. In het buitenland, denk aan de Gotthard, worden daar de nodige schepjes bovenop gedaan. Maar zo zout als ik het heb moeten vreten toen ik in januari vorig jaar op weg was naar de Algarve, zullen weinigen hebben meegemaakt. Het was op de tweede dag van die rit, die in de buurt van Bordeaux een aanvang nam. Het was onverwacht vrieskoud, een enkele graad boven nul, toen we vanuit ons hotel vertrokken en direct de autoroute door Les Landes, die eindeloze vlakte tot de Spaanse grens, op konden rijden, in afwachting van al het moois en spannends dat het Baskenland en de Spaanse hoogvlakte ons die dag zouden brengen. De bestemming was Caceres in de Extremadura, over een route die ons langs onder andere Bilbao, Burgos, Valladolid en Salamanca moest brengen. Best spannend, met name vanwege de nauwgezette voorbereiding die aan de hele reis was voorafgegaan, en doordat die rit door een gebied zou voeren waar je normaal gesproken nooit komt. Dus klopte ons hart vol verwachting toen we de snelweg bij Bordeaux opreden om daar na nog geen drie kilometer in een trechter van de dichtst mogelijke mist terecht te komen die vervolgens van geen wijken meer wist. Waardoor we onze weg nagenoeg op de tast moesten vervolgen en eigenlijk alleen maar blind konden varen op onze navigatie en op de koersborden die af en toe nog wel eens wilden opdoemen.


Met op die hele lange weg nog enkele aanknopingspunten waar je verder ook niet echt vrolijk van werd hoewel dat beetje zicht in dat grijze alsmaar durende niets op zich nog wel lichtpunten bood, zij het zeer betrekkelijk. Want een echt warm gevoel kregen wij niet bij de aanblik van de torenhoge treurigheid van de industriestad Eibar zoals die ingeklemd lag tussen de Baskische bergen noch van de spaghettislierten waarop het stratenplan van Bilbao leek. Waarna we ons uren aaneen, vijf, zes uur, door een tunnel van mist boorden, zonder te worden gepasseerd of iets of iemand in te halen. Over verlatenheid en eenzaamheid gesproken. Die dus maar al te zeer bleek te bestaan en voelbaar en tastbaar was op de Spaanse hoogvlakte op die januaridag in het jaar 2020 en die met het uur eeuwiger leek te gaan te duren. Alsof het licht voorgoed was uitgedaan. Zodat het alles weg had van een luchtspiegeling toen het wolkendek aan het eind van de middag brak en de nevel aarzelend begon te wijken. Daar lag het, als een oase, Caceres, dat ons opeens met een snelheid naderde die omgekeerd evenredig was met de lengte van ons wachten op het licht aan het eind van die tunnel van mist. Waarna, er bij onze aankomst daar, een feest werd aangericht dat voor ons kon zijn bedoeld als het niet net Driekoningen op diezelfde dag was geweest.

Geplaatst in Herinneringen | Tags: , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Een weerpraatje

Aan de hand van de wijsgeer uit de Amsterdamse Watergraafsmeer durf ik hier gerust de stelling aan dat een rotzomer zoals we die nu beleven, best ook wel heilzaam kan zijn, zelfreinigend werkt, dus zo maar de nodige voordelen biedt. Want is het niet zo dat we eindelijk af zijn van die permanente en bijna dagelijks herhaalde noodsignalen over het alsmaar dalende peil van het grondwater? Om nog maar te zwijgen over al die dreigende breuken in dijken in het vaderlandse polderlandschap. Met alle regen zijn we daar dus mooi vanaf. Zoals ook het aloude fenomeen van de wisselvallige Hollandse zomer weerom is gekomen. Het is gewoon weer het weer net als toen we in de zomermaanden dagelijks met angst en beven de weersvoorspellingen tijdens de vakanties afwachtten om de volgende depressie en onweersstoring aangekondigd te krijgen. Met de bevestiging daarmee van de zekerheid dat het altijd kwakkelen bleef met het weer in de zomer en dat je dus nergens van op aan kon. Reden te meer om ’s zomers vooral de zon op te zoeken, naar Spanje te gaan toen het weer kon omdat Franco opgedonderd was. En om vervolgens na veertien dagen bruin verbrand terug naar Holland te keren waar het thuisfront zo eens te meer ingewreven kreeg op welke plaatsen het leven echt goed te leven viel.


Dus niet in Nederland met zijn kwakkelzomers, die alleen maar wisten te verregenen. Wat wel de enige zekerheid was die je daar dan wel had. Maar met de opwarming van de aarde, het gat in de ozonlaag en alle klimaatveranderingen ging het weer en zijn voorspellers meer en meer aan die zekerheden tornen en werden zomers warmer, zonniger en bestendiger en verdween min of meer de directe noodzaak en reden om het vakantieverblijf nog ver van huis te gaan zoeken. Wat had je nog in de woestijnhitte van Spanje of Griekenland te zoeken, als het vlakbij in elk geval wat minder warm, maar zeker nog warm genoeg was? Dat werd zo ongeveer de nieuwe toon, het vakantiegevoel 2.0, totdat wij anno 2021 plotsklaps weer van een koude kermis thuis zijn aan het komen met een compleet in het water gevallen voorjaar en regenrecords die tijdens deze zomermaanden gevestigd worden. Waarmee we weer terug zijn bij af, bij onze oude, vertrouwde kwakkelzomer, die nu ook weer niet deugt, omdat het te vaak te hard regent. Met het veranderend klimaat als de kwaaie Pier. Kortom, het is in feite nooit goed voor ons mensen, die te verwend zijn en met de kont in de boter zijn gevallen en daar het liefst een leven lang in zouden willen liggen.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , , , , | 1 reactie

‘Vakantie’ van Diana Ozon

Hoe toepasselijk kan een gedicht zijn. Laat de klanken, woorden en beelden spreken en laat Diana Ozon aan het woord en onderga het gevoel dat ‘vakantie’ he

Geef mij de sfeer van havens
de zoute lucht van zee
witgekleden matrozen
van wie ik verder niets weet

draaiing van geslagen touwen
gummi piepend tussen wal en schip
opgedroogde wieren op de kade
wespen langs een lijn vol vis

Ik leng anijsdrank aan met water
spuw de deksels van een pit
mompel in de zon iets Grieks

Geeft niet waar ik nog moet wezen
vandaag leef ik en hoef niks

Geplaatst in Gedichten | Tags: , | Een reactie plaatsen

De hand van mijn vader

Het kwam vandaag weer eens in de praat te pas. Omdat van het een het ander kwam en we, voordat we het in de gaten hadden, weer bij de tijd van toen beland waren. Dat is haast het lot van ieder die op jaren is en die kijkend naar het nu eigenlijk altijd aan het toetsen aan en refereren naar het verleden slaat. Waarbij de conclusie steevast luidt dat vroeger lang niet alles beter was, soms wel, maar veel meestal anders. Waarmee de gespreksstof uiteraard hoog opgetast ligt en er onderwerpen genoeg zijn om aan te snijden. Zoals gisteren dan de vaders en moeders van toen die zo verschilden van ons toen wij die rollen invulden en helemaal van onze kinderen die weer op een heel andere wijze vadertje en moedertje plegen te spelen. Want was het niet zo dat onze ouders met een verleden opgezadeld waren dat om een gedrag en gevoelsleven vroeg dat nagenoeg haaks stond op wat er gevraagd werd in de tijd dat wij opgroeiden? Met als gevolg botsingen tussen generaties, omdat vaders en moeders, maar vooral de vaders, niet konden leveren waar kinderen zo naar op zoek waren. Gevoel, warmte. Maar doe het maar eens als je nooit hebt geweten wat dat precies was, want het nooit hebt ondervonden.


Omdat het niet gebruikelijk was, en vaker ook niet gewenst, om je gevoelens – noem het je ware aard – ook maar enigszins te tonen. We schrijven de vijftiger en veertiger jaren en de tijden daarvoor, waarin gebikkeld moest worden en de strijd om het bestaan het enige was dat er in feite in het leven toe deed. Kom ik als het ware bij mij zelf terecht en moet ik achteraf constateren dat ik bepaald niet veel te klagen heb gehad. Ik ben mijn jeugd doorgerold en heb dan ook redelijk zorgeloze jaren gekend, hoewel er heus wel eens wat bij ons thuis aan de hand was. Maar waar ook niet? Echter, over aandacht heb ik geen klagen gehad, zij het dat het achteraf bezien ook wel eens anders had gekund. Maar mijn vader die het van jongsaf verre van gemakkelijk heeft gehad, is er altijd geweest. Op zijn manier, maar meer dan goed genoeg voor mij, is mij zoveel jaren later toch bijgebleven. Zoals ik nog altijd zijn grote hand voel waarin ik mijn hand stopte als we samen op zondagmiddag naar het voetballen liepen, een hand die steeds warmer werd en welke hij vervolgens gebruikte, als het langs die lijn vooral in de winter steeds kouder werd, om mijn oortjes te laten gloeien. Dat was warmte. En daar kan zoveel jaren later nog steeds heel weinig tegenop.

Geplaatst in Herinneringen | Een reactie plaatsen

De veranderlijkheid der dingen

De veranderlijkheid der dingen kon zo maar een thema vandaag zijn. Een dingetje, wordt dat tegenwoordig genoemd. Maar hoelang nog? Wanneer moet het weer plaats maken voor de volgende modieuze kreet of een andere uiting van jargon, welke dan weer plotseling aan kan komen waaien? Moeite om het te volgen of bij te houden, doe ik niet meer, omdat ik weet dat veel, gelukkig niet alles, vluchtig is en voorbij gaat, merk ik steeds weer, ondervind ik zelfs aan den lijve. Neem nou eens mijn eigen ervaring als een sprekend voorbeeld ervan. Keek ik namelijk tot de voorgaande editie steeds met veel genoegen en belangstelling naar de achtereenvolgende afleveringen van “De slimste mens”, bij de nieuwste serie blijkt dat bij mij compleet verflauwd en is er geen sprake meer van enig uitkijken naar een volgende uitzending. Omdat het mij in de verste verte opeens niet meer interesseert, nu alles een kopie, een uitvergroting en soms wel een parodie van wat er vooraf gegaan is, begint te lijken. Spontaneiteit is steeds verder te zoeken. De imitatie viert hoogtij en zelfs van Rossem kent met al zijn cynisme zichzelf niet meer, doende als hij voortdurend is om de leukste thuis te zijn. Welke collectieve krampachtigheid gedoemd is te vervelen en zichzelf te overleven.


Vandaar dat ik wel moest afhaken en daarmee bewees dat niks eeuwigdurend is en aan zichzelf te gronde gaat als succes zichzelf probeert te vermenigvuldigen of te vergroten. De crew van dit programma kon Tom Dumoulin als het levend voorbeeld nemen van de kracht van de twijfel en de overtuiging om niets als vanzelfsprekend aan te nemen, ook niet het eigen succes. Want toen dat hem benauwde, groeide bij hem het besef van zijn eigen eindigheid en tijdelijkheid en dat alles voorbijgaat, zelfs een woensdag die voor eeuwig tot gehaktdag bestempeld leek te zijn. Dus niet, bewees de tijd en besefte ook Tom, die op zijn hoogtepunt een time out nam om over de betekenis en het doel van zijn winst en succes en zijn bezigheden na te denken. En zag me daar gisteren het resultaat, dat hij nog niet eens boekte met het behalen van een zilveren medaille, maar nog meer met de heruitvinding van zichzelf. Want hem ooit zo open en vrijuit en met de goede blik in zijn ogen een gesprek in zien gaan? Dat was zijn echte winst. Misschien zouden al die “Slimste Mensen” zich eens aan hem moeten spiegelen om de succesvolle formule van hun programma nieuw leven in te blazen. Want zoals het nu gaat, zal de veranderlijkheid der dingen ook aan “De slimste mens” niet voorbij gaan.

Geplaatst in Media | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

In hoger sferen

Sinds een week of vier is er in mijn directe woonomgeving, in Schimmert, een nieuwe mogelijkheid ontstaan om in hoger sferen te verkeren. Moest ik tot nu toe mijn meditatieve uitweg uit de dagdagelijkse besognes zien te vinden in mijn tuin, ik kan nu zo maar boven de werkelijkheid van alledag uitstijgen. Letterlijk dus. Het buiten mijzelf treden door met onkruid aan de slag te gaan, zo laag mogelijk bij de grond en met mijn hoofd haast naar beneden, heeft een handzaam alternatief gekregen, waardoor ik mij min of meer los kan maken van het aardse bestaan. Op zo’n driehonderd meter van mijn huis kan ik mij in de Reusch, de vroegere watertoren, via een lift verheffen naar een bovenwerelds niveau en het mensengedoe van vijfendertig meter hoogte beschouwen. Een va-et-vient zonder woorden of enig geluid speelt zich onder mij af, voltrekt zich als een stomme film waar ik het woord en elke klank bij verzinnen moet, ook weer op deze dinsdag. Alsof ik in een glazen kooi zit, zo kijk ik er op neer en beschouw ik wat als dat aardse tranendal geldt. Wat in feite, als het niet van geluid voorzien is, duidelijk meevalt en zelfs meer dan vreedzaam lijkt.


Hoewel ik, en wie niet, veel beter weet. En dat weten, maar nog meer die verstilling en ogenschijnlijke vreedzaamheid, die zich achter glas en bezien vanuit mijn hoogte aan mij openbaart, brengen een haast mystieke sfeer tot leven. Omdat deze werkelijkheid heel anders is dan die zich daar beneden bevindt en dus de vorm van een droom of een luchtspiegeling aanneemt, waarin en waarbij het goed toeven is. Goed dromen dan wel verbeelden in een eigen wereld die op die vijfendertig meter hoogte maar wat gemakkelijk wil ontstaan. Waardoor je met recht even weg kunt zijn, weg van de snelweg van een mensenleven. Op zo’n halteplaats die door haar enkele aanwezigheid de ruimte en energie geeft om het eigen bestaan weer verdraaglijk lichter te maken. Heilzaam heet dat. Verhelderend. Verlichtend. En vooral een aanbeveling om zo nu en dan zo’n trip in de Reusch van Schimmert naar wat hogere hoogte te maken. Al was het om van je eigen staat en zijn op de hoogte te blijven en deze in de hand te houden. Alleen maar door in hoger sferen te verkeren.

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , | Een reactie plaatsen

De kop eraf!

Met het klimmen der jaren nemen de kansen op loops in je eigen levensgeschiedenis uiteraard hand over hand toe. De maandag begon er zowaar mee toen ik de achterpagina van de Volkskrant open sloeg en daar het gebruikelijke dagboekfragment zag staan. Dat was ditmaal van de hand van Lucas van der Land, de flamboyante docent politicologie aan de UvA in de rumoerige zestiger jaren, wiens colleges mij nog messcherp in het geheugen gegrift staan. Het waren allereerst als het ware theatervoorstellingen en daarnaast telkens weer bijeenkomsten waarin aan zijn hand de politieke theorie en de weerbarstige praktijk van die jaren bijeen werden gebracht. Waardoor hij toch voor menige student een soort mentor en geestelijk vader kon worden. Een herinnering waarmee de kop van de week af was. Wat dan zo’n gezegde is dat de tand des tijds heeft doorstaan. Want was het niet mijn vader die dat altijd zei als hij op maandagmiddag van zijn werk thuis kwam om te lunchen – ja, ja, dat kon toen nog – en dan uit volle borst verzuchtte dat de kop van de week weer af was? Vandaar dat die kreet nooit meer uit mijn systeem verdwenen is en daarmee dus een beetje de weerslag heeft kunnen zijn van de onsterfelijkheid van mijn vader. Maar genoeg gemijmerd en teruggeblikt, want de orde van de maandag was ten slotte ook wel weer zo dat een terugkeer naar de aardse werkelijkheid tot de aard der dingen behoorde.


Wat bijvoorbeeld te denken van Mathieu van der Poel die een plankje verwachtte waar dat niet was, dus vreselijk op zijn snuit ging en al zijn Olympische dromen op zijn buik kon schrijven? Met in zijn spoor nog veel van die Nederlandse Tokiogangers die zichzelf over het algemeen hoger hadden aangeslagen en ook al als medailledelvers waren beschreven dan dat dat door de ijzeren wetten van wedstrijden en toernooien werd gerechtvaardigd. Teleurstellend hun deelname, maar nog te vroeg om al van een fiasco te spreken. Maar wat is trouwens de betekenis van dat hele sportieve circus? Het gaat toch voorbij, wordt vaker vergeten en een enkele keer echt geschiedenis, overwoog ik, toen ik ’s avonds de door de zomergast Roxanne van Iperen (wat was ze goed!) aanbevolen film ‘Das weisse Band’ van Michel Haneke weer eens mocht zien en de tijdloosheid van de dingen verbeeld zag. De machtsstructuren, de weerloosheid van kinderen, de zuiverheid van het geweten die verpletterd wordt door de kwaadaardigheid die in mensen schuil kan gaan. Waarmee Haneke de voorafschaduwing van het Duitse drama dat tot de Tweede Wereldoorlog moest leiden, liet zien. Een intrigerende film, ‘Das weisse Band’, zo intrigerend dat ik hem nog wel een tweede en derde keer wil zien. Omdat er zoveel in verteld en verduidelijkt wordt.

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , , , , , , , | 1 reactie

Zo’n zondag op Kasteel Wurfeld

Hoe de macht der gewoonte je in de greep kan blijven houden, ook al zou je het zo graag anders willen, moet ik haast wekelijks ervaren. Ondanks dat ik bijna achttien jaar de tredmolen van vijf dagen werken en twee dagen weekend heb verlaten, lukt het mij maar moeizaam om mij van dat ritme los te maken. Wat wel zal komen doordat de wereld rondom mij dat tempo en die cadans aanhoudt, zodat er voor mij als eenling weinig anders opzit dan in de daarmee samenhangende mindset mee te gaan, constateer ik telkens praktisch elke zondag. Zo’n zondag was het dus gisteren ook weer. Zodat er toch iets bijzonders moest worden gedaan. En zonder dat er sprake was van een vooropgezet plan, werd het toch een zondag met een apart tintje, dat als het ware a l’improviste vorm kreeg. Want omdat er tussen Geulle en Uikhoven geen voetveer over de Maas voer, kwamen we via via en langs Maaseik op een plaats terecht waar ik ruim vijfentwintig jaar geleden vaker verbleef omdat er teamsessies van Rockwool, mijn toenmalige werkgever, werden gehouden. Er werd dan zo’n dag of drie daar gewerkt, gezamenlijk, op Kasteel Wurfeld, dat toen als conferentiecentrum annex hotel net een nieuw begin had gemaakt. Aan die keren dat ik daar was, heb ik goede herinneringen over gehouden, niet in de laatste plaats door de warme en hartelijke ontvangst door het jonge echtpaar dat net met de exploitatie van dat kasteel was begonnen, Etienne Odekerken en Marleen de Rijcker.


Alle jaren daarna heb ik dat goede gevoel gehouden, dat ik koppelde aan het voornemen om er ooit weer eens te gaan kijken. Nu vijfentwintig jaar later kwam het er zomaar eens van en werd mij de meest aangename verrassing bereid. Want Kasteel Wurfeld bleek in die tussenliggende jaren opgestoten te zijn in de vaart der volkeren, uitgebreid en een bloeiend hotel-restaurantbedrijf geworden, dat meer dan druk beklant was. Het bleek allure te hebben gekregen zonder dat er drempels voelbaar waren. Het had zich omringd met een schitterend park en fraaie, bloeiende tuinen. En wat het leukste van alles was. Ik voelde nog altijd die zelfde sfeer en warmte die ik er ook in 1995 en 1996 aantrof, waardoor het voor mij zonneklaar was dat mijn spontane bezoek van deze zondag zijn vervolg gaat krijgen met een etentje dat zonder twijfel goed moet zijn, ook gelet op het feit dat reserveren een paar dagen van tevoren meer dan wenselijk is. Waarmee verder alleen maar gezegd wil zijn dat het rondmaken van cirkels, waar het leven nogal eens uit bestaat, vaak best een aangename bezigheid kan zijn. Dat heb ik op zo’n zondag als gisteren was, bij Kasteel Wurfeld, vlak bij Maaseik, gelukkig mogen ervaren

Geplaatst in Limburg | Tags: , , , , , , | 3 reacties

Zaterdagse wederwaardigheden

Mijn zaterdagse wederwaardigheden kennen als constante de oplossing van de sudokumix van de Volkskrant . Voor de lol, maar ook voor een goed doel, namelijk om mijn brein vooral lenig en kwiek te houden, stort ik mij daar altijd zo’n anderhalf uur op. Met wisselend succes. Want een op de vier keer ontspoor ik en loop dan vast, waarna ik aangewezen ben op het exemplaar van mijn lief om vervolgens steevast de juiste sleutel te vinden. Vaste prik en steeds hetzelfde begin op zaterdagen. Behalve vandaag waarop de Olympische wielerwedstrijd voorrang kreeg en de terechte winnaar in de persoon van de Equadoriaan Richard Carapaz. Het levend bewijs dat die wielersport in nog geen twintig jaar een echte mondiale betekenis heeft gekregen. Wat de titel van Carapaz alleen maar meer waard heeft gemaakt. Genoten, en ook nog eens met volle teugen.


Wat het goede tegenwicht was tegenover de zorg en lichte ergernis die zich van mij meester maakte toen ik zag dat het volgende groen in mijn gezichtsveld plaats moest maken voor beton en grint, omdat het kennelijk zo onderhoudsvriendelijk is. Opnieuw dus een voortuin naar de haaien. Reden genoeg om des te zorgvuldiger met het nog aanwezige groen te zijn en met volle overgave een taxushaag bij mijn lief weer de haar passende proporties terug te geven. Een lichte inspanning met een maximaal resultaat. want een grote bevrediging. En wat is het nou voor een moeite? Dus is de beloning zo voor de hand liggend. Iets voor de lekkere trek. Geen vlaai, maar het beste verse fruit, de kilo kersen die in Klimmen bij Jo en Monica Schaepkens wordt gehaald. In deze tijd van het jaar de echte ‘place to be’ in Zuid-Limburg. Alsof de tijd van vroeger daar weerom kwam, zo storm liep het er en kwam dat gevoel van die aloude gelukzaligheid naar boven. Zodat het kind in mij weer even wakker werd en ik aan mijn oren links en rechts twee kersen hing. Als om de zaterdag van toen nog eens te vieren.

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Over een andere boeg

Na zoveel jaren – zestien, zeventien bijna – begon het steeds bezwarender te worden om elke dag weer iets ergens van te vinden. Om een mening over iets te hebben, om die ook nog op een gepaste wijze te formuleren en vervolgens in een logje te gieten. Dat moeten werd meer en meer een knellende band, een harnas dat mij alsmaar slechter ging passen. Want had ik nog wel zo’n zin om over van alles nog wat te blijven vinden? De doodlopende wegen namen alleen maar toe. Waardoor de conclusie zich meer en meer opdrong dat dat soort schrijverij, die polemiek, mij niet meer paste, niet meer hoorde bij de wijze waarop ik in het leven sta noch spoorde met de mate waarop ik dat leven tot mij neem.


Zodat het logischer is dat ik het over een wat andere boeg gooi en meer over mijn leven en mijn ervaringen vertel en dat met anderen zal trachten te delen. Omdat daarin genoeg bijzonderheden en details begrepen zijn welke de moeite van het vermelden waard zijn, want laten zien hoe gevarieerd een levensavond, als dat woord gebruikt mag worden, kan zijn. Waarom zouden zulke wintervertellingen – mag ik ze zo gaan noemen? – niet de moeite waard zijn? En als er dan toch ergens wat van gevonden moet worden, dan is er nog tijd en gelegenheid genoeg om een opinie ten beste te geven en te laten horen. Omdat vrijblijvend leven eenvoudigweg wat mij betreft dus niet bestaat, voor mij in elk geval niet is weggelegd.

Geplaatst in Persoonlijk | Een reactie plaatsen

‘The Restaurant’

Aanvankelijk zag het er helemaal niet naar uit dat er hier ook maar een letter gewijd zou worden aan die serie. Het was nog net niet zo erg als GTST, maar het kwam toch aardig in de buurt van dat niveau. Waardoor ik ernstige twijfels had, na aflevering vier en vijf, of ik daar mijn tijd wel verder aan moest besteden. Het was net niet drakerig of mierzoet, maar zeker voorspelbaar. De soap leek zich voor mij te ontrollen en het scheelde eigenlijk maar bitter weinig of ik had de rest voor gezien gehouden. En gelukkig heeft de aanhouder in mij gewonnen. Met als gevolg dat ik met per aflevering toenemend plezier ben gaan kijken naar de Zweedse serie ‘The Restaurant’ op Netflix om uiteindelijk te kunnen concluderen dat ik een geweldige verhalencyclus heb gezien, waarin een mooi tijdsbeeld werd gegeven van de vijfentwintig jaar na de oorlog, de jaren waarin de Zweedse welvaartsstaat vorm kreeg en opgebouwd werd dankzij achtereenvolgende sociaal-democratische regeringen. Centraal in de vertelling die 32 afleveringen in beslag neemt, staan de lotgevallen en wederwaardigheden van een familie die een toonaangevend restaurant in Stockholm bezit.


We volgen de ups en downs van het familiebedrijf, de conflicten, de mee – en tegenvallers van eigenaren en personeel. En zo wordt de naoorlogse geschiedenis van Zweden langzamerhand, maar fijnzinnig uitgetekend. Te zien is hoe de vrouwenemancipatie haar weg zoekt, hoe generaties botsen, hoe er met homosexualiteit wordt omgegaan. Het komt telkens dichtbij omdat het een plaats krijgt in een verhaallijn die nauwgezet uitgetekend en verbeeld wordt. En met het verloop van de serie springt het meer en meer in het oog dat het niveau per aflevering stijgt. De fotografie wordt vaker oogverblindend mooi, de acteurs lijken in hun rol te groeien waardoor er meer en meer scenes langskomen die zo uit een Bergman-film gekopieerd konden zijn. Er zijn dialogen die herinneren aan die andere Zweedse grootmeester van het toneel, Strindberg. Kortom, ‘The Restaurant’ stijgt met vorderen van het verhaal steeds meer boven zichzelf uit en verdient uiteindelijk wat mij betreft het predicaat van een serie die je gezien moet hebben, terwijl ik tegelijkertijd maar al te graag mijn conclusie herhaal dat ik blij ben dat ik naar deze serie ben blijven kijken. Ik had haar voor geen goud willen missen.

Geplaatst in Kunst en cultuur | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Sprekend strontvliegen….

Er is een schrijvend en sprekend mensensoort dat zich de pretentie en status aanmeet om op weetikwat commentaar te leveren. Wat natuurlijk mag, als het hout snijdt en ook wat oplevert. Maar dat lijkt te veel gevraagd van dit soort dat alleen maar bestaat om gezien en gehoord te worden en om reuring te maken, dus zoveel mogelijk mensen op de ziel te trappen, te schofferen. Of gewoon belachelijk te maken. Omdat dat hun bestaan kennelijk nog zin geeft. Want verder druipt de hopeloosheid natuurlijk met bakken af van lieden die de naam van Roosmalen of Derksen dragen. Hoe morsig en treurig je wel kunt zijn, wordt door hen bij herhaling bewezen. Met dan nu de wat hen betreft volmaakte onderbroekenlol die gewijd was aan het Limburgs overstromingsdrama en al het bijbehorend menselijk leed. Want niet gehinderd door enige kennis en des te meer gevoed door onnozel vooroordeel moesten de vlaaien en het carnaval natuurlijk weer door hen van stal gehaald worden om aan hun onbenul nog diepgang te geven.


In feite zielig en kinderlijk als het niet zo kwaadaardig en schofterig was. Daarom des te beter dat hun morsigheid en treurigheid alleen maar wortel schiet in de onzaligheid van Wijde Wormer en Grolloo. Hoewel het bijna ondenkbaar is dat hun laagste allooi zelfs daar zijn draai mag vinden. Want zo gek zou het nog niet zijn als ze in die oorden, waar ze zich terugtrokken met hun chagrijn, ook gemist kunnen worden als kiespijn. Je bent immers een geweldige proleet en klootzak tegelijk als je je vrolijk maakt om het Limburgs leed en het bestaat om een half miljard euro schade, 2300 beschadigde woningen en de 700 Valkenburgers die hun woning verloren een kleinigheid te noemen. Om er ook nog ‘eigen schuld, dikke bult’ aan toe te voegen. Geen mens zit toch op die overtreffende trap van hufterigheid die belichaamd wordt door die van Roosmalen en Derksen, ook maar een seconde te wachten. Een klap voor hun kop – liefst zo hard mogelijk – zou hun lot moeten zijn. Precies zoals je dat ook met strontvliegen doet, van die beesten, waar je alleen maar last van hebt en die je helemaal niets brengen.

Geplaatst in Media | Tags: , , , , | 6 reacties

Balans van een Tourprognose

Het ziet er inderdaad best curieus uit om direct na de prognose van de Touruitslag de feitelijke evaluatie ervan te lezen. Het zijn waarachtig bijzondere tijden die zich ook nog eens weerspiegelen in de verhouding tussen mijn voorspelling en het eindklassement van de Tour de France. Want vijf goed – Pogacar, Carapaz, Kelderman, Mas en Uran – zou normaal gesproken door mijzelf ervaren worden als een meer dan behoorlijke beurt, afgezet tegen wat ik er andere jaren meestal van terecht bracht. Dan mocht ik mij vaker al tevreden stellen met een getal van vier juiste voorspellingen. Des te merkwaardiger is het daarom dat ik met de uitkomst van mijn Tourprognose 2021 dat tevreden gevoel juist helemaal niet heb. Waarschijnlijk omdat een veel beter resultaat, met zeven of acht goed, achteraf bezien zo binnen handbereik leek. Want ga maar na. Vier deelnemers die ongezien en bijna zeker goed konden zijn voor een top tien – klassering, waren bij het opmaken van de definitieve rekening in Parijs in geen velden of wegen in de bovenste regionen van het algemeen klassement te bekennen.


Of uitgevallen of ver achterop geraakt door stomme pech. Wat zowel voor Primoz Roglic als Richie Porte, Geraint Thomas en Jakob Fuglsang gold, die stuk voor stuk slachtoffer werden van grote valpartijen in het begin van de ronde van Frankrijk en daardoor hun kansen op successen verloren zagen gaan en daarmee mijn uitzicht op een historisch goede prognose frustreerden. Zonder mijn jaarlijks plezier in die Franse ronde overigens te bederven. Want wat heb ik weer genoten. En waren er weer niet smaakmakers genoeg? Want uitzonderlijk waren de prestaties van Pogacar, Mollema, Cavendish en Wout van Aert bepaald wel. En wat te zeggen van het optreden van Mathieu van der Poel, bij wie het geel als gegoten leek te zitten, dus een belofte voor de toekomst inhield. Laten we het daar voor dit jaar op houden, terwijl ik tegelijkertijd weet dat zes of zeven goed te doen moet zijn. Wat dus mijn belofte, prognose voor de Tour van 2022 is. Daar mag mijn lezer mij aan houden.

Geplaatst in Sport | Een reactie plaatsen

Mijn Tourprognose 2021

Het is elk jaar om deze tijd een vaste prik en de klok kan er gelijk op gezet worden dat er aan de vooravond van de start van de Tour de France hier van mijn hand een prognose van het eindklassement verschijnt, zoals dat drie weken later na meestal 21 etappes naar mijn verwachting in Parijs opgemaakt zal worden. Die voorspelling kan eigenlijk nog het beste beschouwd worden als de verzilvering van de voorpret die zich altijd weer van mij meester maakt gedurende de twee, drie weken die vooraf gaan aan het Grande Depart. Waar dus ook dit jaar weer onverminderd bij mij sprake van was ondanks een ogenschijnlijk wat vlakker en minder opwindend etappeschema, waarin niettemin toch genoeg hoogtepunten zijn opgenomen om reikhalzend naar uit te kijken. Neem alleen al een elfde etappe waarin de Mont Ventoux twee maal beklommen moet worden en waarvan dus verwacht mag worden dat daar de mannen van de jongens gescheiden zullen worden. En wat de Tour verder interessant genoeg maakt, is het vooruitzicht van het vervolg van de Sloveense broederstrijd tussen Roglic en Pogacar, waartoe in de Tour van vorig jaar al een spectaculaire aanzet werd gegeven.


Plus de omstandigheid dat Ineos Grenadeers zich zonder twijfel in dat titanengevecht zal willen mengen met de uitzonderlijk sterke ploeg die zij aan de start brengt en waar de ambitie vanaf spat om de lijn van het voortdurend succes in het voorseizoen ook in de Tour door te trekken. Voorwaarden genoeg dus om deze sportieve strijd op het hoogste niveau vanaf het puntje van de stoel ademloos te volgen en vooral te zien welk resultaat daaruit in Parijs rolt. Volgens mijn taxatie zal de toptien van het algemeen klassement aan de finish in Parijs op 18 juli er als volgt uit zien:


1 Roglic (Slov) 2 Pogacar (Slov) 3 Carapaz (Eq) 4 Thomas (GB) 5 Kelderman (Nld) 6 Lopez (Col) 7 Porte (Aus) 8 Fuglsang (Den) 9 Uran (Col) 10 Mas (Sp)


En uiteraard heb ik net zo als andere jaren ook een zogenaamde ‘dark horse’ op het oog, een renner die wel eens danig zou kunnen verrassen. Welnu, dat is dit jaar de Brit Tao Geoghegan Hart, die zo maar ook onverwacht een plaats in de top van het algemeeen klassement zou kunnen opeisen. Gelukkig ben ik geen profeet die brood eet, maar die het natuurlijk wel graag bij het rechte eind wil hebben. Vandaar dat ik benieuwd ben of ik met mijn prognose nou eens die niet te slechten drempel van ‘vijf goed’ kan overschrijden. Op 19 juli zal blijken of die stille hoop bewaarheid wordt.

Geplaatst in Sport | Tags: , | 4 reacties

De eeuwig durende sportzomer

De sportzomer van 2021 die met zoveel commercials en overspannen enthousiasme is aangekondigd, is maar net begonnen of ze lijkt nu al een eeuwigheid te gaan duren. Of heet de opdiening van de karrevracht van voetbalwedstrijden de voorziening in een alom veronderstelde kijkbehoefte? Turkije – Wales of Zweden tegen Slowakije. Wie is er zo zwak bij het verstand om naar dat soort wedstrijden midden op de dag te gaan zitten kijken? Nog afgezien van het feit dat het welhaast niet te verklaren is dat zulke wedstrijden worden uitgezonden, althans in andere landen dan die welke rechtstreeks bij zo’n wedstrijd betrokken zijn. En om het nog schrijnender en onbegrijpelijker te maken blijkt geen wedstrijd het zonder een voor – en nabeschouwing te kunnen. Wat zoveel betekent dat vanaf een half uur voor het beginsignaal een aantal deskundigen zijn licht laat schijnen op de beide ploegen en zich bijvoorbeeld te buiten gaat aan bespiegelingen over opstellingen, te volgen tactieken, de sterkten en de zwakten en niet in de laatste plaats over verdere kansen en waarschijnlijkheidsberekeningen.


Een half uur is daar zo mee gevuld zeker als dat soort beschouwingen over gelaten wordt aan het soort ingewijden dat maar wat tevreden is over zichzelf en met name inzicht, expertise en deskundigheid graag aan de man brengt, onder het motto “zie mij weer eens lekker shinen”. Want waarom zou je anders zo graag in zo’n tv-studio moeten willen figureren? Om achteraf je gelijk ook nog eens breedvoerig te kunnen halen? En dat altijd weer vermenigvuldigd met de factor drie. Omdat die ene mening geen mening is, maar echt wat voorstelt als ze uit drie monden komt en even zovele malen herhaald wordt. Met als uiteindelijk doel dat de zendtijd zich vult. Want daar gaat het in feite gedurende die eeuwig durende sportzomer om, waarbij het er waarachtig op lijkt dat het verder niet uitmaakt hoe. Alle gepraat eromheen, ervoor en erna voegt namelijk niets toe, helemaal niets aan de verslaggeving van wedstrijden die in het gros van de gevallen niet aan de orde zijn en er ook niets toe doen. Dus beschouw het maar als niks maal niks. Met als resultaat helemaal niks en een eeuwigheid waaraan, zoals het zich nu al laat aanzien, maar geen einde komt. Ik bedoel de sportzomer van 2021.

Geplaatst in Media | 1 reactie

Christen-democratisch ongemak

Of Wopke Hoekstra als partijleider van het CDA nou de eerst aangewezene is om andere politieke partijen de maat te nemen, is natuurlijk de vraag. Sterker nog, is het juist aan hem om twijfels uit te spreken over de stabiliteit van Groen Links en meteen de vraag op te werpen of het gezelschap rond Jesse Klaver niet een te onzekere factor is om bij te dragen aan een gedegen coalitievorming. Als er iemand wat dat aangaat voor zijn beurt kon hebben gesproken, dan hij, Hoekstra, toch wel. Of meende hij als ervaringsdeskundige, als kenner bij uitstek van wat instabiliteit in een politieke partij teweeg kan brengen, zijn gewicht geheel in de schaal te kunnen leggen? Je zou dat idee als buitenstaander bijna kunnen hebben, als niet de indruk overheerste dat hij toch als eerste zijn mond diende te houden in plaats van naar anderen te wijzen. Van de balk en de splinter zou hij, als christen-democraat, toch alles moeten weten, ben je geneigd van hem te denken en te verwachten. Maar misschien hebben we daarmee en in de persoon van Hoekstra wel meteen het grootste christen-democratische euvel en manco te pakken. Want strijden daar juist niet tweeslachtigheid en hypocrisie om voorrang en is beginselvastheid daarom altijd weer gedoemd om er ten onder te gaan. Zie namelijk hoe het CDA, vooral bij monde van haar politiek leider Wopke Hoekstra, in nog geen week tijd kans zag om zich als het echte tweekoppig monster te manifesteren, wat die partij altijd is geweest en waardoor het met alle winden meewaaien een soort van handelsmerk kon worden, omdat dat de weg naar de macht altijd het beste plaveide.


Want het is toch wonderlijk om een politieke partij in zo’n kort tijdsbestek te zien worstelen met de uitersten die in haar partijcultuur en – programma begrepen blijken te zijn. Allereerst met de beginselvastheid van de volksvertegenwoordiger pur sang, Pieter Omtzigt, die met zijn CDA oneindig veel te stellen heeft. En die partij dus ook met hem, omdat het reelen en dealen nu eenmaal in dat christen-democratisch DNA opgesloten zit, waar beginsels slechts in woorden gebeiteld zijn. Hoe zeer zelfs bleek toen diezelfde partij dus ook in extremis daarmee geconfronteerd werd door het gedrag van een van haar prominente leden, Sywert van Lienden, die het ritselen in het bloed zit en zich nergens zo senang voelt als uit het zicht en achter de coulissen. Het vlees geworden Christen Democratisch Appel. Hoewel dat natuurlijk lastig te erkennen valt voor al die partijbonzen, die voor de vorm erg ongemakkelijk keken bij wat van Lienden gepresteerd had ten behoeve van zijn eigen belang, maar daar minder last van hadden dan van de scherpslijperij van Omtzigt. Dus bleek diens politiek lot binnen het CDA wel bezegeld en pakte hij uiteindelijk zijn biezen en waarschijnlijk nog wel de nodigen met hem. Waarmee de basis voor het CDA opnieuw verder versmalt en Hoekstra ook een toontje lager mag zingen. Vandaar dat hij met zijn kritiek op Groen Links wel erg voor zijn beurt sprak. Of was dit nou zo’n typisch staaltje van machtspolitiek waar het CDA al zo lang het patent heeft en dat het meeste glorieert als het eigen ongemak vooral om overschreeuwen vraagt?

Geplaatst in Politiek | Tags: , , , | 1 reactie

Voor de draad

Zo kan er ineens de klad in het webloggen komen. Want daar is wel sprake van als het hier vanaf 19 april al oorverdovend stil is. En natuurlijk ben ik daarvoor een verklaring verschuldigd. Want het gaat niet aan om mijn trouwe lezers en bezoekers onverhoeds in de steek te laten, terwijl ze al op narigheid genoeg getrakteerd worden. Een nooit aflatende lockdown, een voorjaar dat nooit die naam had mogen hebben en dan ook nog zo’n scribent die er bijna ongezien tussenuit dacht te kunnen piepen. Nee, zo ben ik inderdaad in al die jaren niet getrouwd geweest met mijn lezerskring. Dus rest mij niets anders dan met de redenen van die onverwachte stilte voor de draad te komen. Waarbij al meteen gezegd kan worden dat er waarschijnlijk niemand zo verrast was door mijn onverwachte improductiviteit als ikzelf wel. En nog meer door de oorzaak ervan. Natuurlijk zijn er gebeurtenissen geweest die mijn pad naar mijn laptop en naar het schrijfavontuur versperden en daarmee voorkwamen dat mijn hoofd ernaar stond om logjes te produceren. Mijn hoofd bleek opeens leeg en niet geprepareerd om tot een ordentelijke gedachtenvorming te komen. Laat staan dat ik mij adequaat kon concentreren om behoorlijke logjes te componeren. Want de lat blijft voor mij onder alle omstandigheden hoog. Zodat ik het ook niet met mijzelf op een akkoordje gooi om mijn lezers en bezoekers dan in godsnaam toch maar te bedienen. Dus moest er wel een impasse in mijn ‘schrijverschap’ ontstaan door situaties en gebeurtenissen waar je niet naar op zoek gaat of waar je om vraagt.


Als je partner op een gegeven moment zich geconfronteerd weet met de kneuzing van een knie, dan gaat daar alle aandacht naar uit en moeten alle helpende handen die kant op. Waardoor er geen ruimte meer is voor concessies en compromissen. Dan is het, gezien de leeftijden die wij inmiddels bereikt hebben, gewoon alle hens aan dek en heb en had ik alleen maar aan haar zijde te staan. Te meer omdat zo’n gekneusde knie een flinke tijd in beslag kan nemen. Zodat het schrijven van logjes, waar je hoofd wel naar moet staan, dan even niet aan de orde is. En welke bezigheid, en zelfs de kans daarop, volledig achter de horizon verdwijnt, als jezelf vervolgens ook aan de beurt komt, want door een vervelend ongemak getroffen wordt dat je dan nog eens extra in beslag neemt. Want het was de vrijdag voor Pinksteren dat ik mij opeens met hartklachten in een ambulance op weg naar het Zuyderland-ziekenhuis in Sittard bevond om daar – geloof het of niet – per omgaande gekatheteriseerd en gedotterd te worden. Waarna ik – echt waar – de volgende ochtend per omgaande als het ware weer naar huis mocht om daar van de schrik en alle (in)spanningen bij te komen. Wat, nu bijna drie weken later, aardig lijkt te zijn gelukt, zij het dat het met de conditie, waar ik stevig op heb ingeboet, nog behoorlijk knudde is. Maar toch weer niet zo erg dan dat ik me weer bij mijn PC bijeen heb gepakt en in staat was tot deze verklaring en lichte boetedoening, die wat mij betreft een start is om de draard van het loggen weer op te pakken. En wat die belofte dan waard is, zal de komende tijd moeten blijken……

Geplaatst in Persoonlijk | 8 reacties

Hugo en zijn uiterlijkheden

Het is alsof de duvel ermee speelde. Op hetzelfde moment dat de Huispopulist van de Volkskrant, Teun van der Keuken, het tijd vond om Hugo de Jonge eens goed onder het vergrootglas te leggen, merkte ik dat ik ook schoon genoeg van diezelfde bewindsman begon te krijgen. Met zijn uiterlijk vertoon en zijn voortdurende en zichzelf herhalende praatjes die de schoolmeester in hem maar bleven verraden, maar tegelijk een onbarmhartig portret lieten zien van een man die niets te melden heeft, maar erg om zichzelf geeft en dus de omweg van de uiterlijkheden zoekt om zich in de kijker te spelen. Zodat men net zo van hem gaat houden als hij op zichzelf gesteld is. Want dat is hij echt ongegeneerd. Hoe haal je het anders in je hoofd om je altijd in van die opzichtige, bijna kwasterige schoenen te tonen. Omdat je wilt opvallen. Omdat je jezelf de moeite waard vindt. Er kan geen andere reden zijn om je zo nadrukkelijk te presenteren als je voor het eerst met een nieuwe ministersploeg samen met de koning op zijn bordes verschijnt. Dan heb je het heel erg met jezelf getroffen en laat je je graag zien.


Liefst ook nog goed gebruind. Ook midden in de winter als de zonnebank uitsluitend dat werk kan doen, moet doen omdat je er immers altijd goed op wilt staan. Waarbij evenzo dat uiterst nauwgezet gecoiffeerd kapsel hoort, dat een minutieuze zorg verraadt en zeker tien minuten kijken in de ochtendspiegel vraagt. Wat hem alleen maar meer van zichzelf doet houden. Je moet immers wat als je verder niets in je bagage hebt, terwijl je wel geacht wordt om iets voor te stellen. Nou, en gaat dat dan niet linksom, dan in godsnaam rechtsom met de hulp van de kekke broek, flink veel pommade en een strak en afgetraind lijf, dat zich nog het beste laat showen op de oprijlaan naar het Catshuis, op dat ene steeds terugkerende plekje waar de camera’s opgesteld staan en Hugo op zijn voordeligst is. Waar hij zijn finest hour beleeft en hij daardoor zeker weet dat mensen, als zij hem zo zien, van hem net zo gaan houden zoals hij met zichzelf in zijn sas is. Omdat kijken gemakkelijker is dan luisteren. Waarom zou je dan nog wat moeten melden of te vertellen willen hebben?

Geplaatst in Politiek | Tags: , , | 7 reacties

Drama in de polder

Na ‘Shtisel’, ‘The Crown’ en ‘De geniale vriendin’ is het voor mij wel zonneklaar dat er, als het om acteren gaat, in Nederland nog een wereld te winnen is. Het vaderlands toneel en alles dat er op en rond loopt, lijkt het niveau van het dorpsgezelschap namelijk nauwelijks ontstegen. Met als gevolg dat in dat land van blinden eenoog koning of koningin is en Halina Reijn daarom wel haast de divastatus krijgt toegemeten zonder dat ze daar met haar kwaliteiten ook maar enige aanleiding toe geeft. Want vergelijk haar spel of aanwezigheid in welk stuk of serie ook met wat haar vakgenoten in het buitenland laten zien, en je wordt er als vaderlands toneelliefhebber alleen maar weifelmoediger van. Als je de plaatsvervangende schaamte al niet nadert. Want kijkend naar de acteurs in de al genoemde, maar in eigenlijk nog veel meer buitenlandse series, dan ontkom je niet aan de constatering dat toneelspelen in de vaderlandse kontekst en omgeving doordrenkt blijkt van het grote gebaar, het zware accent, de aangezette dictie, de theatrale toon. Alsof wij ons in het dagdagelijkse leven ook zo plegen aan te stellen. Terwijl het toneel toch juist de spiegel ervan pleegt te zijn.


En laat dat nou over de grens veel beter begrepen worden. Met de Engelsen natuurlijk als de wegbereiders van die stijl, van dat geloof erin. Met als opmerkelijke tweede de piepjonge Italiaanse acteurs in ‘De geniale vriendin’ die de kunst van het zwijgen, van de kracht van de blik of de oogopslag al bij hun geboorte lijken hebben meegekregen. Het resultaat van die toch geacteerde subtiliteit, van die onuitgesproken woorden is natuurlijk spel, maar toont wel de wijze waarop de doorsnee mensen met elkaar plegen te verkeren en te communiceren. Waardoor het leven betrapt wordt, dichterbij komt en toneel en film de spiegel worden die deze kunstvormen willen en pretenderen te zijn. Hoe armzalig steken de Nederlandse pogingen om van het toneel ook iets te maken daartegen af. De enkele gunstige uitzondering, zoals Pierre Bokma en Ramsey Nasr daar voorbeelden van zijn, niet te na gesproken. Maar al met al is het op onze podia toch armoe troef en blijkt het lastig de polder te ontstijgen. Waardoor er blijkbaar niets anders op zit dan de heikneuterigheid met veel theater en grootse gebaren te overschreeuwen. Vandaar dat het maar goed is dat er ook zoiets als Netflix bestaat, al was het maar om even verder te kijken dan de neus lang is.

Geplaatst in Kunst en cultuur | Tags: , , , , , , | 1 reactie

Tien van Toen – 708 –

Vandaag wordt de dertigste maart langs de historische meetlat gelegd. Zo proberen we tien gebeurtenissen uit het verleden die op die datum plaats vonden, even aan de vergetelheid te onttrekken:


2004 Bijzetting van koningin Juliana in het graf van de Oranjes in Delft – 1981 Aanslag op de Amerikaanse president Reagan – 2012 De gratis krant “De Pers” verschijnt voor de laatste keer – 2001 Bekendmaking van de verloving van Willem Alexander en Maxima Zorreguieta – 1972 Eerste druk van een bankbiljet van 1000 gulden – 1968 In Amsterdam wordt Paradiso geopend – 1991 Het laatste nummer van het sociaal-democratisch dagblad ‘Het Vrije Volk’ verschijnt – 2010 In de Large Hadron Collider (de deeltjesversneller) van CERN botsen twee stralen protonen met elkaar – 1945 In de Nieuwe Standaard verschijnt de eerste aflevering van de strip Suske en Wiske – 1987 Het schilderij ‘Stilleven’ van Vincent van Gogh wordt voor het recordbedrag van 39,9 miljoen dollar verkocht

Geplaatst in Tien van toen | 1 reactie

Een draaiend rad

In een behartigenswaardig interview in de Volkskrant van vandaag komt dichter, schrijver en acteur Ramsey Nasr met een prangend voorbeeld van de alom heersende dubbele moraal. En dat brengt hij zo onder woorden:


“In Oeganda pompen een Chinees en een Frans bedrijf olie op. Die bedrijven zijn formeel gevestigd in Amsterdam. Waarom? Vanwege ons gunstige belastingklimaat, dat belastingontwijking faciliteert. Zodoende loopt Oeganda de komende jaren 28 miljoen aan dividendbelasting mis. Ze hadden dat geld daar goed kunnen gebruiken, omdat ontwikkelingslanden als Oeganda nu al hard worden getroffen door de klimaatverandering als gevolg van onder meer de olie die daar is opgepompt. Na verloop van tijd komen Oegandezen wellicht als vluchtelingen hierheen. We noemen ze dan gelukszoekers, terwijl wijzelf ze de mogelijkheid tot geluk en welvaart hebben ontnomen, en daar zelfs financieel van hebben geprofiteerd. Dat is het systeem waarin wij zitten, een draaiend rad, dat we alleen met behulp van ons geweten tot stilstand kunnen brengen.”

Geplaatst in Kort gezegd | 3 reacties

Tussen ZOOM – en en prikangsten

Nog altijd doet het levensgevoel zich aan mij voor in de meest onverwachte vormen en bij gelegenheden en momenten die ik nooit zie aankomen. Het is er opeens. Telkens anders, maar steeds met een kracht die je er bewust van doet zijn dat het er nog altijd is. Waardoor je je gelukkig mag prijzen, met een plek nog midden in het leven, getuige dat opspelend gevoel. Waarbij het er nauwelijks toe doet welke vorm het heeft. Natuurlijk is het heerlijk en opwindend om nog altijd te mogen ZOOM – en, om de polslag van de technologie en van de vaart waarmee ze zich ontwikkelt, te kunnen volgen. Om erbij te zijn, het te zien gebeuren. Reden genoeg om de uiterste inspanning te doen om vooral zo lang mogelijk aan te haken. De moeite waard blijft het vanwege de lol die het bezorgt, door de kick van te verkeren op de place to be. En dat is des te aangenamer als datzelfde levensgevoel ook wel eens onderbroken wordt door of afgewisseld wordt met stomme verbazing, ongeloof, het bij lange na niet snappen van facetten, van dagdagelijkse dingen die op een of andere manier ook tot het moderne leven behoren. Die je ergernis bezorgen, je met je onbegrip het gevoel geven aan de zijlijn te staan. Het overkomt mij meer dan eens. Maar door de jaren heen heb ik geleerd te zwijgen of de andere kant op te kijken dan wel de schouders op te halen voor van die facts of life die zover van je verwijderd zijn. Zoals alle soesa die er momenteel wordt gemaakt rond het testen met wattenstaafjes van jonge kinderen, die hun tere zielen zouden kunnen beschadigen als daarmee te diep in hun neusgat wordt gegaan.


Omdat het pijnlijk zou zijn. Waar vervolgens een heel item van wordt gemaakt in de berichtgeving met inbegrip van interviews die bij een koor van deskundigen worden afgenomen. Waarmee het problematiseren zijn beslag krijgt en een ding dus een kwestie wordt en vervolgens een probleem dat echt opgelost moet worden, zodat de kindertjes geen pijn meer hebben. Maar de sublimatie van dit problematiseren, dat van elke muis een olifant maken, werd deze week bereikt met het opduiken van een fenomeen dat prikangst heet en waaraan dertig tot vijftig procent van de Nederlanders zou lijden. Als dat al waar zou zijn, dan is het bestaan van prikangstpoli in Amersfoort natuurlijk gerechtvaardigd, zoals daar dan ook plek is voor een legioen van coaches en trainers die al die arme zielen die aan prikangst leiden, bij de hand richting vaccinatie nemen. Waar ik dus verdrietig en weemoedig van word, van zoveel problematiek die het synoniem van aanstellerij kon zijn. Maar dat mag je niet meer zeggen. Omdat dat getuigt van gebrek aan empathie, wat langzamerhand de hoogste vorm van beschaving lijkt te zijn. Dus haak ik daar finaal af en ga op zoek naar dat stukje levensgevoel dat zich nog wel in deze tijd herkent, zich in het midden ervan bevindt, omdat ik mij daar stukken beter voel. Want wat is er mooier dan appen of ZOOM – en?

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Ollongren en Omtzigt

Kajsa Ollongren heeft een paar dagen geleden twee vliegen in een klap geslagen. Want met een enkele stommiteit heeft ze zowel de vrouwenzaak als de democratie, de politiek en het vertrouwen daarin een heel slechte dienst bewezen. Door haar blunder zal het vertrouwen in de politiek en in het parlementaire systeem een ernstige deuk hebben opgelopen. Zoals het beeld van de Randstedelijke elite alleen maar meer zal gaan beklijven, net zo als het idee dat een klein clubje op het Binnenhof de dienst uitmaakt en elkaar het balletje toespeelt. Precies zo. In hoeverre doe je er als kiezer toe als een Kamerlid dat torenhoog scoorde en goed was voor vijf Kamerzetels, zo maar tijdens formatiegesprekken uitgegumd en weggebonjourd blijkt te kunnen worden? Zo’ n gekke vraag is dat opeens niet meer. Immers, een andere kant kan de indruk na de uitglijder van Ollongren niet op gaan. Ook haar papier is immers geduldig en laat geen twijfel toe. Er staat namelijk wat er staat en dat was in dit geval dat een bijzonder goed en daarom voor een regering lastig en tegendraads Kamerlid geloosd moest worden, een functie elders moest krijgen. Hoe ver moet je van de realiteit afgegleden zijn om zo’n gedachte te willen omarmen, om er voor te zorgen dat van Mierlo, die aartsvader van D’66 en oer-partijgenoot, zich wel in zijn graf moet omdraaien bij zo’n gebrek aan elementair besef van democratische waarden en parlementaire verhoudingen.


Macht of zelfs de aanraking ervan moet Ollongren blind hebben gemaakt en zeker hoogmoedig, waardoor haar val onvermijdelijk was zonder echt te kunnen verrassen nadat ze al eerder met vuur had gespeeld toen zij als D’66 – er in eigen persoon het raadgevend referendum, dat kroonjuweel van haar eigen partij, vakkundig om zeep wist te helpen. Is deze laatste misser en afgang al een ferme diskwalificatie van Kajsa Ollongren, zulke schade is altijd nog te herstellen. Erger is het evenwel dat zij met deze bizarre schuiver de vrouwenzaak een slag heeft toegebracht. Dat de stappen die er voorwaarts waren gemaakt zich nu weer vervangen weten door stappen terug, omdat Ollongren en haar medeverkenner Jorritsma bewezen dat zij de kunstjes van het politieke vak, de kneepjes, heel goed van hun mannelijke collega’s hadden afgekeken, ze dubbel en dwars overdeden en de heren politici zelfs duidelijk naar de kroon staken in het spelen van de vuile spelletjes. Wat het allemaal stukken erger maakte. Want zouden vrouwen juist niet de politiek en het Binnenhof een andere toon en toets geven? Authentieker zijn? Hoe teleurstellend en pijnlijk is het dan om de eerste vrouwen die de kans krijgen om het beter te doen, met al die typische mannenspelletjes zo diep te zien vallen.

Geplaatst in Politiek | Tags: , , , , | 5 reacties

Blokkendozen in Nederland

Best een mooie ontboezeming trof ik ergens midden in mijn ochtendkrant, die de moeite van het citeren zeker waard is, omdat ze een treffende afspiegeling was van wat mij ook steeds meer dwars gaat zitten. Het begon als volgt: “Elke keer als ik over de A73 naar mijn geboortegrond in Noord-Limburg rijd, zie ik minder weilanden langs de snelweg. Ze zijn overgenomen door gigantische blokkendozen. Sinds 2013 hebben supermarkten, internetwinkels en modeketens al meer dan 100 distributiecentra XXL gebouwd, vooral tussen Rotterdam en Venlo. Van daaruit wordt de Europese markt bediend. De muur van vrachtwagens op de rechterrijstrook krijgen we er gratis en voor niets bij. Nog even en de hele grensstreek is een en al pakhuis geworden.”


Uit mijn hart gegrepen deze observatie, hoewel ze tegelijk wel getuigt van een erg locale focus. Want is het hele land langzamerhand niet verblokkendoosd? En leven we met zijn 17 miljoen niet bijna in een complete voorraadschuur waar nog alleen maar af en aan wordt gereden. Dat is tenminste mijn beeld als ik onderweg op de snelweg ben. Ongeacht of dat op de A2 bij Born en Echt of Weert is of op de A1 bij Amersfoort en Hoevelaken. Of neem de A27 van Everdingen tot Utrecht en de A16 rond Breda. Het zijn maar een paar voorbeelden van die oprukkende blokkendozen, welke tegelijk de vraag oproepen waar alle spullen werden gelaten toen al dit soort opslagruimten er nog niet was. We worden er totaal door overspoeld en het wil maar niet ophouden met die groei, omdat ik per week wel een of twee van dat soort nieuwe logistieke hot spots zie opduiken ten koste van een volgend kwantum aan groen. Waar eindigt dit, is de logische vraag die ik mij stel. Waarschijnlijk als enige en dus als roepende in de woestijn. Omdat de volgende hallen denkelijk al in de steigers staan zonder dat er een haan naar kraait. Vanwege groei die vanzelfsprekend en onvermijdelijk is, maar die wel een doodlopende straat laat zien, die namelijk voert naar een toekomst zonder een wenkend perspectief.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , , , | 4 reacties

“Onder lijn 4” (Levi Weemoedt)

Hij doet zijn dichtersnaam weer volledig eer aan, met dit melancholieke gedicht “Onder lijn 4”. Aan het woord is natuurlijk Levi Weemoedt, pseudoniem van Ies van Wijk (1948)


De werkers kwamen fluitend van karwei,
staken de rijweg over, dromden rond de halte.
De adel van hun kracht beschaamde mij:
triest hing daartussen, zinloos, míjn gestalte.

Een eerlijk broodblik priemde in mijn kraag,
een zwaar beslagen schoen rustt’ op mijn tenen.
Mijn leven had nog nooit zo leeg geschenen:
ík had alleen een plaat gekocht vandaag.

O! ’t Liefst zou ik van hen hier voorman wezen
en legde in één gebaar de hele haven lam!

Maar ach! Voor morgen staat een boek op het program.
En dan maar weer een plaat, men kan niet eeuwig lezen.

Geplaatst in Gedichten | Tags: , , | 4 reacties