“De helpende hand”

Nooit geweten dat hij ook van de dichterlijke markt thuis was, de schrijver Koos van Zomeren. Wel bekend was hij als bioloog en natuurliefhebber. Waardoor dit gedicht “De helpende hand” een verrassende , maar tegelijk ook een zo voor de hand liggende kant van hem laat zien:


Volmaakt van veren –
een jonge tjiftjaf
van de grond geraapt en
op je hand geklommen
lichter dan een zegelring
.

Je blaast hem zachtjes op
zijn rug – maar hij laat zich
niet wegblazen, hij klemt zich
nagelpuntig aan je vast
jij bent zijn vriend geworden.

Hij hoeft de vrijheid niet
niet nog meer regen
niet nog meer storm
geen honger meer
geen onrust meer.

Geplaatst in Gedichten | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Vaccineren op zijn Hollands

Ondanks het steeds meer opklinkend gejubel over het feit dat vaccinerend Nederland tot de Europese kopgroep begint te horen, dreigt de hele inentingscampagne toch een gebed zonder eind te worden, het hele proces een onontwarbare kluwen waar zo langzamerhand geen touw meer aan vast is te knopen. Mij wordt het tenminste in toenemende mate treurig en tegelijkertijd chagrijnig te moede als ik mij als oudere, en heus wel kwetsbaar, als ruim zevenenzeventigjarige voortdurend links en rechts ingehaald zie worden, op mijn beoogde weg naar de vaccinatiestraat waar ik dus ook eens hoop uit te komen. Het aanvankelijk idee om daar eind februari gearriveerd te zijn heb ik allang laten varen en ingeruild voor de hoop dat ik mijn beide prikken ergens eind april ook ontvangen zal hebben. Hoewel dat er ook nog om spant als ik zie wie er allemaal als nog zwakker, zieker en misselijker dan ik worden aangemerkt. Dan krijg je wel snel het gevoel dat je in een tombola bent beland, waardoor je maar moet zien wanneer het geluk van de ontvangst van die prik jou toelacht, wanneer het lot jouw kant opvalt. Want wat is er nog zeker en van welke prognose en strategie kun je nog op aan in dit land, waar op Texel de 75-plussers al worden gevaccineerd, waar de zestig – tot vierenzestigjarigen om onnaspeurlijke redenen een voorkeursbehandeling, dus voorrang boven zoveel ouderen, krijgen.


Waar instellingskoks en ziekenhuiscontrollers even zo vlot aanschoven in de rij van al diegenen die zo nodig snel geprikt moesten worden omdat anders de directe zorg in het gedrang zou kunnen komen. Een breed opgezette en ogenschijnlijk sluitende argumentatie waardoor voordringen wel zo gemakkelijk werd en het nakijken van anderen die met hun problemen of hoge leeftijd eerder aan de beurt dachten te zijn, eenvoudig weggeredeneerd werd en het steeds opnieuw aansluiten, blijven wachten en geduld betrachten de beloning vormden voor een gekoesterd begrip voor de chaos die vaccineren op zijn Hollands werd. Met een gebed zonder eind als perspectief en als resultaat van een vertrouwen dat onterecht en misplaatst werd gegeven aan een dorpsonderwijzer die net in staat is de veters van zijn gestylede schoenen te strikken, maar verder nergens door opvalt, hoogstens door zijn volslagen incompetentie en totale gebrek aan kennis van het terrein waaraan hij geacht wordt leiding en sturing te geven. Oftewel hoe je je in eigen land getild en geflikt kunt gaan voelen als je braaf je beurt afwacht, omdat je dacht dat dat zo hoort, omdat je dat van huis uit had geleerd.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Vast tegen het zere been

Het zal zonder twijfel wel weer links of rechts tegen het zere been zijn. Dat moet dan maar. Want helemaal het zwijgen er toe doen en de andere kant op kijken, schiet ook niet echt op en houdt tegelijk de schijn op dat het inderdaad allemaal wel heel erg is wat jong Nederland overkomt. Een schijn die ook nog eens extra wordt gewekt door de legertjes psychologen en onderwijskundigen en weet ik wie niet allemaal, die momenteel in rotten van vier aantreden om het vooral over de sociale ramp te hebben die zich over Nederland lijkt te voltrekken. Alsof alle ellende in verband met corona in ons land begint en eindigt bij ons eigen jonge volkje. Zijn dat soort geluiden elders in Europa of waar ook ter wereld ook zo massaal te horen? Voorzover te overzien valt, dus niet. Waardoor je haast zou geloven dat de kommer en kwel van de jeugd in de Hollandse polder werkelijk rampzalige proporties aanneemt en nagenoeg onovertroffen is. Leerachterstanden, eenzaamheid, uitsluiting, het kan haast niet op en zou zo maar van kwaad tot erger kunnen leiden als er niet meer voor de echte slachtoffers van corona , de jeugd dus, wordt gedaan. Zo geneert menigeen die er voor heeft doorgeleerd, zich niet voor enige overdrijving, al was het maar om bij diezelfde jongeren in een goed blaadje te komen. Want wie de jeugd heeft, heeft immers de toekomst. Dus wat zou je je nog druk maken om het dor hout dat alleen nog opgeruimd hoeft te worden?


Zo viert het opportunisme hoogtij en is het met de solidariteit met de echt kwetsbaren wat gemakkelijk gedaan, luidt een voor de hand liggende conclusie, zoals er gerust vraagtekens, hele grote, gezet mogen worden bij al het alarm dat nu opeens klinkt met betrekking tot de problematiek van de schoolaande jeugd. Zijn het misschien de problemen van de ouders met het thuis zijn van de kinderen die deze vertaling krijgen? En dan is vereenzaming en leerachterstand er gemakkelijk bijgehaald om de ware achtergrond van het probleem te verhullen. Een luxe-probleem dat zich trouwens nergens anders ter wereld voordoet en dat natuurlijk volkomen in het niet zinkt bij het leed dat leeftijdgenoten op Lesbos bijvoorbeeld ondergaan. Laat staan dat het ontbreken van feesten en festivals er ook nog wordt bij gehaald als de bron van alle jeugdig ongemak en lusteloosheid. Samengevat zijn het loze kreten en verhalen die geen enkele reden vormen voor het aanmeten of toekennen van een vorm van slachtofferschap, dat zich bovendien in geen enkele zin verhoudt tot het lijden van degenen die echt met corona te maken kregen, die het aan den lijve ondervonden en het vaker niet konden navertellen. En hoezo een verloren jaar, als je, zoals de verwachtingen nu zijn, wel honderd jaren hebt om te kunnen leven, leren en feest te vieren?

Geplaatst in Samenleving | 9 reacties

Eksters (haiku)

Vanuit boomtoppen
maken krassende eksters
leven in mijn tuin.

Geplaatst in Gedichten | Een reactie plaatsen

De nationale afgang

Het begon nog niet zo lang geleden met een terloopse opmerking in familiekring over het gekanteld beeld van Nederland in het afgelopen jaar. Van gidsland met de wijsheid in pacht werd het een natie waar de spraakverwarring leidend werd omdat elke Nederlander het gelijk aan zijn zijde meende te hebben, ervaringsdeskundig als ieder zich begon te beschouwen. Met de sociale media en praatprogramma’s als de gezochte en verwelkomde spreekbuis en een Achtuurjournaal dat daarom het nieuwsniveau van het Hart van Nederland alsmaar frequenter aantikte. Een land op zijn kop en zijn 17 miljoen inwoners die het ook niet meer en daarom des te beter wisten. Waarvan het kabinet de exacte afspiegeling was en dus maar wat deed en dus ook even vlot draaide als de wind plots overwegend uit een andere hoek waaide. Nou dat ongeveer en nog veel meer werd op een fraaie wijze onder woorden gebracht en samengevat in de Volkskrant van afgelopen zaterdag in de onderstaande tekst van Sander van Walsum die de vaderlandse koe en het bijbehorend ongemak als volgt bij de horens vatte:


“Wie meende dat de Nederlandse overheid zich voorbeeldig heeft georganiseerd, is onderhand wel van die illusie beroofd. De compensatie voor de slachtoffers van de gasaardbevingen in Groningen komt maar niet van de grond. De Toeslagenaffaire is een organisatorisch en politiek moeras. Het vaccinatieprogramma kwam aarzelend en traag op gang werd onder maatschappelijke en politieke druk herhaaldelijk omgegooid. De gezondheidszorg liep snel tegen zijn grenzen aan. En dan is er ook nog de winterkou die er toe leidde dat het treinverkeer al dagenlang ernstig ontregeld is, dat vuilnis niet kan worden opgehaald en dat de krant voor het eerst sinds mensenheugenis niet wordt bezorgd. Ongetwijfeld zal het regeringsbeleid gedurende de coronajaren ’20 en ’21 in de toekomst onderwerp zijn van een parlementaire enquete en wetenschappelijke studies. Maar nu al kan zonder vrees voor voorbarigheid worden vast gesteld dat Nederland voor de stresstest is gezakt. Nederlanders plachten te schamperen op de Duitse organisatiedrift, Belgisch houtje-touwtje-beleid of improvisatie als kern van het Britse organisatiemodel. Tegen de realiteit van de winterkou en corona is die zelfgenoegzaamheid niet bestand”.


Chaos en onvermogen dus waarmee de Nederlandse samenleving in nog geen tien jaar doordrenkt is geraakt dankzij de slapte en het laissez-faire van de achtereenvolgende kabinetten-Rutte. Met dan nu als overtreffende trap van de afgang die we met zijn allen onder leiding van Rutte en de zijnen ondergaan, het per onmiddellijk afblazen van de avondklok, omdat er het ergst mogelijke broddelwerk aan ten grondslag lag. Plus de per dag veranderende vaccinatiestrategie die ook bepaald lijkt door per minuut voortschrijdend inzicht. Waardoor niemand meer weet hoe of wat en de chaos in plaats van Rutte wel kon regeren. En het des te onbegrijpelijker wordt dat hij het volste vertrouwen van de kiezer blijft genieten. Of is dat dan het ultieme bewijs dat die ook de koers kwijt is en het daarom allemaal best vindt?

Geplaatst in Politiek | Tags: , , , , , , | 7 reacties

‘The Dig’ op Netflix

Tot voor een maand of acht geleden was Netflix voor mij een open boek, in die zin dat de mare erover mij vaak bereikte, maar dat ik alle jubel en ophef toch aan mij voorbij liet gaan omdat ik genoeg andere zaken te doen had die mij meer aanspraken. Maar corona heeft in een jaar tijd veel doen kantelen, en uiteindelijk ook bij mij, toen ik door alle beperkingen toch meer op mijzelf teruggeworpen werd dan mij lief was. Waardoor Netflix bij mij ook in beeld kwam en zich aandiende als een medium dat wel degelijk wat te bieden had en mij meer en meer begon te verrassen. Want via Broadchurch, Weissensee, Hinterland, The Crown en Unorthodox groeide bij mij het besef en kwam ik vervolgens tot de conclusie dat het een ware schatkamer was, waarin je wel zelf je weg moest zien te vinden. Met natuurlijk gerede kansen op missers, maar zoals gezegd ook met aanbod dat onvergelijkbaar is met hetgeen onze publieke zenders dagelijks te bieden hebben, om over de rest van de netten nog maar te zwijgen. Het zoeken en vinden op Netflix van de kwaliteit die op je eigen maatstaven is toegesneden, is dus nog de grootste opgave. Hoewel er via de wekelijkse filmrecensies in de Volkskrant en door de tips uit de kring van familie en naasten zo langzamerhand toch een lijst van films en series is gegroeid, welke nog vele uren zal vragen om ze allemaal bekeken te hebben.


En dat in de gelukkige wetenschap dat er dan alweer genoeg aanbevelingen zijn gedaan om driftig verder met Netflix te gaan. Een kijkplan heb ik inmiddels wel, maar de uitvoering ervan wil nog wel eens stagneren doordat er opeens een film met op zijn minst vier sterren wordt gerecenseerd. Waardoor ik bijvoorbeeld het afgelopen weekend me mocht vergapen aan zo’n rolprent die de donderdag daarvoor in de Volkskrant vier sterren had gekregen. Een film, ‘The Dig’, welke zich afspeelde rond de opgraving van twee Angelsaksische begraafplaatsen uit de 6e, 7e eeuw in Sutton Hoo, in de buurt van Ipswich, in het jaar 1939, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Twee gebeurtenissen, die opgraving en de mobilisatie die op die plek in het graafschap Suffolk op een sfeervolle wijze met elkaar in verbinding werden gebracht. Dankzij fraai acteerwerk van onder andere Ralph Fieness en mooie fotografie en nog het meest door het tempo en het ritme van de film, die het jaar 1939 nog het meest dichtbij de kijker brachten. Althans dat was mijn ervaring en zo onderging ik ‘The Dig’. Want het leek welhaast een gedicht en was een streling voor het oog. Ze verraste mij echt en bracht mij tot de verbazing dat zulk moois ook op Netflix te vinden was.

Geplaatst in Kunst en cultuur | Tags: , , , , , , , , , | 4 reacties

Tien van Toen – 706 –

Terug naar de zomer van 1962. Ik maak mijn eerste echt grote buitenlandse reis. Met de vijfde klas van het Stedelijk Gym in Utrecht maak ik een bustocht van drie weken naar de Franse Provence. Was toen nog luxe en opwindend. De schrale vijftiger jaren waren nog maar net afgesloten. Dus was zo’n bus van de Twee Provincien uit Jutphaas al lang goed. Want die bracht je ver en langs zoveel onbekende en magische oorden, waarvan ik mij de volgende tien nog meer dan levendig herinner:


Nogent sur Seine – Opme – La Chaise Dieu – Le Puy – Riez – Nyons – Vaison la Romaine – Aigues Mortes – Les Baux – Saint Remy de Provence

Geplaatst in Tien van toen | Tags: , , , , | 1 reactie

De Chromecast de baas

Het ligt dik voor de hand dat het volgende logje bij deze en gene gemakkelijk tot een soort van schouderophalen zal leiden en het beeld oproept van die kinderhand die wel erg snel gevuld is, om nog maar te zwijgen over de kouwe drukte die om zo’n muizenis wordt gemaakt. Hoe voorspelbaar zo’n reactie ook is en zelfs begrijpelijk als het bezien wordt vanuit het oogpunt van de professional, het neemt niet weg dat ik toch niet licht een gevoel van triomf kon onderdrukken toen ik de klus had geklaard waarvan ik twee, drie jaar geleden niet eens durfde dromen dat ik me daar aan zou wagen. Toen ik er iemand mee bezig zag, vermoedde ik iets van magie die ver van mijn bed zou blijven. Kunstgrepen van een onpeilbaar abstractieniveau waar ik met mijn pet nooit bij dacht te kunnen. Natuurlijk ging het over het installeren van zo’n gadget, zonder welke digitalisering niet meer mogelijk schijnt te zijn. Ik werd namelijk verblijd met een Chromecast, een tool zonder welke de moderne mens die nog niet in de buurt van een smart-tv komt, schijnt te kunnen. Enfin, zoals dat dan gewoonlijk gaat, wordt zo’n gadget keurig aangebracht en in werking gezet. Wat echter met zoveel aplomb gaat dat je nauwelijks nog de tijd hebt om je erin te verdiepen dan wel ermee vertrouwd te raken. Met als gevolg dat het apparaatje hoe nuttig ook, op zijn plaats zit en er blijft zitten zonder dat nut te kunnen bewijzen. Met als gevolg dat het op enig moment, zeg twee jaar later, toch weer ergens in een la terecht komt dankzij de zo vaak dan gestelde retorische vraag van wat we er in feite mee moeten.


Tot op enig moment, inderdaad tijdens de coronatijd als er toch meer aan huis gekluisterd wordt, er veel meer behoefte begint te bestaan om naar de tv, naar series en films te kijken. Netflix wordt ontdekt, maar uiteraard moet het aanbod veel breder. Dus wordt NPO Plus plotsklaps hot en direct daarop ook de vraag hoe dat aanbod op je tv-scherm te krijgen, met logischerwijs de herwonnen urgentie van Chromecast, die echter wel operationeel gemaakt moet worden. Natuurlijk is het dan slikken en gaat het niet aan om naar de bekende weg te vragen bij degene die een aantal jaren terug daarmee een dienst dacht te hebben bewezen. Dus met de nodige porties, bloed, zweet en tranen in het vooruitzicht heb ik de klus van de installatie van de Chromecast aangepakt, die voor de insiders vast een fluitje van een cent zal zijn. Maar voor mij, de digibeet, toch een hersenbreker van formaat, omdat elke stap in dat proces als een sprong in het duister voelt, met een uitkomst die ongewis blijft en de zelftwijfel eigenlijk voortdurend voedt. Omdat je geen flauw benul hebt waar je uitkomt of het schip strandt. Spannend dus, hartstikke spannend. Daarom gunde ik mijzelf die reuzenontlading, die juichkreet toen opeens op mijn tv-scherm het door mij met mijn smartphone opgeroepen beeld verscheen. Ik had gewonnen, ik was het mysterie van de Chromecast de baas geworden. En dat voelde wat goed. Heel goed.

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , , , | 3 reacties

De ontdekking van Siebengewald

Afgelopen week is een lang gekoesterde wens eindelijk in vervulling gegaan. Of noem het liever een verlangen, een behoefte welke ik al zoveel jaren met me meedroeg zonder dat er sprake was van echte urgentie. Want zonder Siebengewald ooit gezien te hebben viel er voor mij ook best te leven. Maar de vorige week kwam het er dus van omdat ik toch in de buurt was, de naam opeens op een wegwijkzer verscheen, waarna koers zetten erheen vanzelfsprekend was. Om die ooit aan mijzelf gedane belofte in te lossen zonder dat het de vraag was waarom dat oord op mijn wensenlijst stond. Wat ik nog altijd niet weet en na het dorp gezien te heben nog minder begrijp. Als dat steelse verlangen dan toch ergens vandaan kwam, dan moet het te herleiden zijn tot de notie dat de Duitse inval in mei 1940 juist in Siebengewald begon, dat een van de bekendere beroepswielrenners uit mijn jeugdjaren, Jaak Kersten, daar vandaan kwam. Of zou de vondst van de grootste hennepplantage ooit in 1996 juist op die plek, die geplakt tegen de Duitse grens aan ligt, mij zo getriggered hebben dat ik wel eens met eigen ogen wilde zien wat de exacte magie van Siebengewald voor mij is geweest. Half en half een ontdekkingstocht, of misschien wel de kennismaking met een droom die tientallen jaren lang, een plek in mijn onderbewustzijn had gekregen, om daar dus nu aan te kunnen ontsnappen.


De omstandigheden waren er in elk geval naar om dat dorp, zo vlak bij het Duitse Goch, half in een isolement ten opzichte van Nederland en de rest van Limburg, werkelijkheid te zien worden. Bijna laag hangende bewolking, miezerende regen, een grijze en natte atmosfeer, echter net niet spookachtig genoeg om te bemerken dat een land als Nederland ook zijn rafelranden heeft. Die achter het riviertje de Niers, de A77 en Ottersum zo maar bestaan en toenemen naarmate de afstand tot Siebengewald alleen maar minder wordt. Uitgestrektheid met nog hier en daar een pluimveehouderij roept het beeld van de Nederlandse taiga op, in het midden waarvan Siebengewald dus blijkt te liggen. Een dorp waar 2000 zielen terecht moeten zijn gekomen, of ze dat nu wilden of niet, om daar hun leven te slijten in woningen die zonder uitzondering herinneringen oproepen aan de revolutiebouw van de vijftiger jaren. En wie weet niet, hoe erg dat kan zijn? Schrikken dus van zo’n ontluistering in zoveelvoud, die waarschijnlijk niet ver van de Siberische werkelijkheid kan liggen. Oftewel, hoe kun je uit een lang gekoesterde droom rauwelijks ontwaken, om razendsnel de weg te vervolgen naar het echte leven. Want eerst Siebengewald zien en dan sterven, bleek mij bepaald niet op het lijf geschreven.

Geplaatst in Limburg | Tags: , , , , , , , | Een reactie plaatsen

De vrije val van Nederland

Een citaat uit een hoofdredactioneel artikel dat vanochtend in de Volkskrant te lezen was: “Van het optimisme aan de start van de vaccinatiecampagne is weinig meer over. Het begin ervan leek het spreekwoordelijke licht aan het eind van de tunnel te zijn. Inmiddels is dat optimisme al weer danig getemperd. Er duiken nieuwe varianten van het virus op en in Nederland is de inentingscampagne onthutsend langzaam van start gegaan. Langzamer dan in landen als Italie en Spanje, terwijl over het organisatievermogen van die landen altijd geringschattend wordt gedaan.” Neem daarnaast ook het feit dat er tegelijkertijd en ook daardoor een pijnlijk gebrek aan improvisatievermogen in ons land is blootgelegd en het mag duidelijk zijn dat Nederland in nog geen tien jaar tijd van gids tot de schlemiel van Europa is geworden. Met nog alleen Bulgarije onder ons zijn we in de kelder van de Europese divisie terecht gekomen, voorbij gestreefd door landen als Griekenland, Portugal en Slowakije, waardoor het niet lang meer duurt of wij hebben onszelf met onze grote mond gedegradeerd naar de gelederen van de Derde Wereldlanden en bananenrepublieken, als het tenminste gaat om ons vermogen om problemen gestructureerd aan te pakken en op te lossen. En als we onszelf zo al niet te kijk hebben gezet voor de ogen van de hele wereld, dan toch wel op zijn minst door de manier waarop werd gereageerd op de overheidsmaatregelen om het coronavirus te bestrijden.


In Pakistan, Honduras en Nigeria, om maar eens een paar landen te noemen, had men het niet beter, dus gewelddadiger gedaan. Om nog maar te zwijgen over het soort van Poolse landdag die de Nederlandse samenleving in nog geen jaar tijd lijkt te zijn geworden. Waar een universitaire studie van tien, vijftien jaar geen enkele garantie meer vormt voor gezag en een luisterend oor, omdat wie een of twee relevante artikelen over een onderwerp als corona heeft gelezen, zo maar een podium krijgt om in debat met zulke professionals te gaan. Zo gek is het dus geworden en zo zijn wij dus in Nederland afgegleden tot het kippenhok, waar het recht van de sterkste of de grote mond het meeste telt en wijsheid of verstand geen enkele waarborg vormt voor het gelijk of om te overleven. Oftewel de beschaving heel ver voorbij, met daaraan gekoppeld de vraag of we het punt al zijn gepasseerd dat een terugkeer nog mogelijk maakt naar dat wat ooit nog als waardevol werd beschouwd, zoiets als respect en de hele riedel van elementaire normen en waarden. Misschien is het enkele feit dat we onszelf die vraag moeten stellen, het beste bewijs voor de vaart waarmee en de mate waarin we zijn afgegleden. En tegelijk het ultieme signaal dat het zo echt niet verder kan.

Geplaatst in Samenleving | 5 reacties

‘Zeeklacht’ van Kees Buddingh

Dit gedicht, ‘Zeeklacht‘, wint natuurlijk het meest aan zeggingskracht als het zou worden voorgelezen door de maker zelf, Kees Buddingh (1918 – 1985). Alleen zal dat niet meer lukken. Dus moet zijn typische, lijzige stemgeluid er maar bij bedacht worden:


Het water van de zee is altijd zout,
Hoe men de suikerpot ook mag hanteren,
Geagiteerd over het strand marcheren,
Terwijl de wind de brandingkoppen krauwt;
Een borstbeeld hakken uit scheepstimmerhout,
Des nachts, in droom, met meerminnen verkeren,
Tarbot fileren of Neptuin vereren:
Het water van de zee is altijd zout.

Daar helpt geen moederlief, geen vaderstout,
Geen bokken, dokken, knokken of gekscheren,
Geen brein van boterkoek, geen hart van goud:
Of men voor dames voelt of meer voor heren,
Het water van de zee blijft altijd zout.

Geplaatst in Gedichten | Tags: , , | 1 reactie

Het ongelijk van de hogepriester

Het waren dus verzetshelden en vrijheidsstrijders die zich daarom ook niet vergrepen aan het bezit van anderen, maar gewoon proletarisch aan het winkelen waren geslagen. Aldus R. de Vries die dit gedrag vooral zag als een uiting van wanhoop van jongeren die zich door niks en niemand meer gehoord voelden. Zo ongeveer meende de nationale hogepriester tegen alles dat maar naar onrecht neigt, de orgie van geweld in de Nederlandse steden nader te moeten verklaren. De Vries aan de kant van de verworpenen der Nederlandse aarde en vol begrip voor gedrag dat met een beetje gezond verstand totaal niet te begrijpen is. Waarmee alweer een stukje duidelijker wordt waarom wij het met van alles en nog wat alleen maar moeilijker lijken te krijgen. Eenstemmigheid en eensgezindheid schijnt niet meer in ons nationale repertoire te mogen horen. Dankzij zo’n categorie van beterweters, waarvan de Vries er overduidelijk een is, welke bij iedere gelegenheid een podium krijgt geboden om, hoe onzinnig het ook is, dat tegengeluid te laten horen. We zijn immers een pluriforme samenleving en dat willen we vooral weten, als alle media tenminste geloofd moeten worden.


Met in dit geval als bizarre uitkomst dat zelfs als er sprake is van feiten die onomkeerbaar en onbetwistbaar zijn, zoals bij deze geweldsuitbarsting naar aanleiding van de invoering van de avondklok, er altijd weer lieden opstaan die de mitsen en maren te over in hun achterzak hebben en zo proberen om de publieke opinie te doen kantelen. Ongelooflijk, maar echt waar, en om er pijn in je buik van te krijgen. Want wat valt er nog waar aan te tornen als er collectief en zo zichtbaar over de schreef is gegaan? Als de gezamenlijke woede en alle misprijzen zo vanzelfsprekend en begrijpelijk zijn. Als compassie met de daders ver te zoeken is en het gezamenlijk ongenoegen slechts bevredigd wordt als aan al die daders een douw met hoofdletters wordt gegeven, van zo’n omvang dat het ze nog jaren zal heugen. En waardoor als ze ooit de jaren des onderscheid hebben bereikt en een beetje verstand hebben gekregen, er voor hen niets anders rest dan schaamte, diepe schaamte, die zo’n omvang heeft dat ze die nog heel veel jaren met zich mee zullen moeten dragen. Waarschijnlijk wordt dat hun grootste straf, dat verhaal dat aan je dierbaren niet is uit te leggen en dat ook nooit zal zijn. Des te wranger is het daarom dat zo’n figuur als die Peter R. de Vries daar nu een punt aan probeert te draaien en met zijn hogepriesterschap voortijdig en onterecht verlossing aan deze daders lijkt te willen bieden, waar boetedoening uitsluitend op zijn plaats hoort te zijn.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , | 1 reactie

‘De Napolitaanse romans’

Bijna een leven lang lezen, zo’n zestig jaar ongeveer, is achteraf beschouwd voor mij met een hoogtepunt begonnen. Met een boek, ‘De donkere kamer van Damocles’ van W.F. Hermans, dat in elk geval toen zoveel indruk op mij heeft gemaakt dat ik daardoor wel moet zijn gezwicht voor de betovering van de literatuur. Ik ben nadien blijven lezen ondanks dat de magie van dat eerste boek dat dus die aangename kennismaking verzorgde, daarna eigenlijk nooit meer overtroffen werd. Hoogstens naar de kroon gestoken door een enkel boek, zoals ‘De Buddenbrooks’ van Thomas Mann of ‘De reis van de voorganger’ van Per Olov Enquist. Maar daar bleef het dan bij. Waaruit ook weer niet afgeleid moet worden dat de rest van de door mij gelezen boeken dan maar buiten beschouwing moeten worden gelaten of middelmatig waren. Dat dus niet. Echter, het waren over het algemeen boeken die ik met plezier heb gelezen, de uitzondering natuurlijk daargelaten, maar in tegenstelling tot de hiervoor al genoemde boeken, namen ze mij niet zo in beslag dat het mij moeite koste om ze terzijde te leggen. Waar ik naar toe wil is dat ik nu een romancyclus heb gelezen die werkelijk alles heeft overtroffen en dus zelfs ‘De donkere kamer van Damocles’ in haar schaduw stelde. Wat ik nooit meer had verwacht, overkwam mij toch bij en door het lezen van ‘De Napolitaanse romans’ van Elena Ferrante, dat mij geheel heeft overrompeld en dus het onverwachte werkelijkheid maakte, want W.F. Hermans overtrof.


En dat met een vertelling over een vriendschap tussen twee vrouwen, die uitgetekend wordt van hun jongste jaren tot aan hun levensavond. Met de stad Napels, en meer in het bijzonder een van de wijken daarin, als de belangrijkste plaats van handeling, terwijl de Italiaanse geschiedenis van de tweede helft van de vorige eeuw met al zijn culturele, economische, sociale en politieke aspecten het decor van dit intense verhaal vormt. Waarin die vriendschap in al zijn facetten, psychologisch, emotioneel, filosofisch, wordt uitgewerkt in steeds weer verrassende, emotionerende en enerverende episodes en verhaallijnen, die je als lezer aan het boek kluisteren. Zonder dat er met pageturners, cliffhangers of andersoortige schrijverstrucs wordt gewerkt. De hele vertelling, die circa 1700 pagina’s in vier delen omvat, blijft zich op een natuurlijke wijze ontrollen. Waarbij je je telkens weer verbaast over ogenschijnlijk plotse en onverwachte wendingen, die welbeschouwd heel ingenieus gecomponeerd blijken te zijn en de vertelling volstrekt natuurlijk doen verlopen. Met als gevolg dat je voortdurend als lezer meegenomen, nee, meegesleept wordt. Zeventienhonderd pagina’s lang, waarvan ik met grote tegenzin nadat ik ze gelezen had, afstand moest nemen en die wat mij betreft op de kwalificatie van meesterwerk aanspraak kunnen maken. Want dat zijn dus ‘De Napolitaanse romans’ waarvoor Elena Ferrante de Nobelprijs behoort te verdienen. Kortom, van harte, nee, van ganser harte aanbevolen.

Geplaatst in Boeken | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

IJsvogels in beeld (haiku)

Met een spiedend oog
en veel geduld krijg je vast
ijsvogels in beeld.

Geplaatst in Gedichten | Tags: | Een reactie plaatsen

In de Acht Zaligheden

Even nog terug naar een logje dat ik gisteren schreef en waarin onder andere te lezen was dat het leven natuurlijk schraler en saaier geworden is en de kring en het gebied waarin je leeft, stukken kleiner. Zodat er niets anders op zit dan om je in die context bezig te houden en te amuseren. Met een goed boek bijvoorbeeld, of Netflix, een flinke wandeling of een autotocht naar die plek waar je altijd al naar toe had willen gaan. Op die manier is het leven nog best heel goed te leven en bovendien vol te houden. En dat betekent bijvoorbeeld als het in zo’n meestal sombere januarimaand een beetje schappelijk weer is dat er met de auto op uit getrokken wordt. Gewoon naar die plekken gaan die nog altijd onbeschreven zijn ondanks dat ze al lang een plaats hebben op mijn wensenlijstje. En zo kwamen we dus in de Acht Zaligheden terecht, een gebied ten zuiden van Eindhoven dat er typisch zo bij ligt dat er gemakkelijk voorbij gereden wordt en aldus even snel in de vergetelheid belandt. Volkomen ten onrechte is mij klip en klaar geworden in die streek waar de pareltjes zich over nog niet eens zo lange afstand aaneen weten te rijgen en zodoende verklaren waarom het leven op het Brabantse land allemachtig goed is. In de Zaligheden dus waar bijvoorbeeld Bladel, Eersel, Reusel, Knegsel mee zijn bedoeld, maar waar qua karakter en schoonheid een plaats als Bergeyk even goed toe gerekend kan worden en eigenlijk als de poort tot dat gebied te beschouwen is.


Want wat een entree en wat word je er met open armen ontvangen in dat dorp dat zo gerieflijk in de haar omringende bossen gelegen is en waar het landschappelijk schoon het passend decor vormt voor de door Rietveld ontworpen fabriekshal van Weverij de Ploeg, icoon van de culturele historie van Nederland. En zie de daarbij behorende beeldentuin welke van de hand van Mien Ruys is. Wonderbaarlijk mooi en interessant en meteen de eerste indruk van de Acht Zaligheden. Welke een logisch vervolg krijgt in de dorpskern van Bergeyk en later in nog sterkere mate in Eersel, waar haar markt met beelden van de “Contente mens” en de “Pronte vrouw” terecht het signatuur van beschermd dorpsgezicht heeft gekregen. Want absoluut fraai. Zelfs uitblinkend in de schraalheid van de januarimaand, als de schoonheid buiten zijn meest elementaire vorm heeft gekregen. En zo ogen de Zaligheden voortdurend op deze dag, waarop alles was zoals het was, tot aan de herinneringen aan een verder verleden welke onder andere tot uitdrukking kwamen in de monumentale Sigarenfabriek van Agio in Duizel en Dommelsch Bierbrouwerij in Dommelen. Waarmee over all mijn beeld van dat fijne gebied het beste te kenschetsen is. Alles is er zoals het is en was en dat voelt waarachtig goed. Reden genoeg in elk geval om er in betere tijden terug te keren om dan het leven in de Acht Zaligheden volledig te proeven en er met volle teugen van te genieten.

Geplaatst in Tips | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , | 8 reacties

Het oeverloos gepraat……

Het zou me echt verbazen als ik op dit moment alleen sta met een bepaald gevoel dat steeds meer bezit van mij begint te nemen. Het is nog niet eens iets van ongemak dat bij mij opspeelt. Noem het eerder een vorm van lichte ergernis dat zich vermengt met wat ongeduld. Want eigenlijk begin ik zo langzamerhand wel genoeg te krijgen van de coronacrisis en met name van alles dat daarmee in Nederland gepaard lijkt te moeten gaan. Even de kaarten op tafel. Met alle beperkingen waaraan ik door het coronavirus onderworpen word, kom ik probleemloos uit de voeten. Het is een kwestie van aanpassen naar de gewijzigde omstandigheden, omdat de nood van de situatie nu eenmaal de wet breekt. Meegaan is wel zo verstandig en draagt voor mijn gevoel meer bij tot mijn en ieders gezondheid en welzijn dan met de pet naar het opvolgen van de regels te gooien.Want dat levert per saldo heel weinig op. Natuurlijk is het leven schraler en saaier geworden en is de kring en het gebied waarin je leeft, stukken kleiner geworden. Dus zit er niets anders op dan om je in die context bezig te houden en te amuseren. Met een goed boek bijvoorbeeld, of Netflix, een flinke wandeling of een autotocht naar die plek waar je altijd al naar toe had willen gaan. Op die manier is het leven nog best heel goed te leven en bovendien vol te houden door de wetenschap dat aan de huidige situatie het begrip eeuwigheid niet is verbonden. Tot zover eigenlijk niets aan de hand en kom ik mijn tijd gelukkig gemakkelijk door.


Ware het niet dat ik mij toch in een enkel opzicht danig voor de voeten gelopen voel. Op een manier die met de dag meer begint te vervelen en de ergernis alsmaar meer doet opspelen. Te meer omdat er niet aan te ontkomen valt. Of je moet krant, telefoon en tv de deur uit doen en als een halve kluizenaar gaan leven om aan het voortdurende gepraat en geredeneer over de coronacrisis te ontkomen. Want dat gaat nu al zo’n tien maanden lang zo, dag in, dag uit, met telkens weer andere items en issues die actueel zijn en waar klaarblijkelijk Jan, Piet en Klaas geacht worden om een mening over te geven. Zonder dat er grote verschillen in al die opinies te ontdekken zijn. Journaals en praatprogramma’s en actualiteitenrubrieken vullen zich er ongegeneerd mee, vermoedelijk in de veronderstelling verkerend dat de nieuwshonger van de burger onuitputtelijk is. Ongeacht of het nou over de vaccinaties gaat, of over virusmutanten, of over mondkapjes, de avondklok, het grootschalig testen. Het wordt allemaal uitgemolken tot er geen smaak of kraak meer aan zit en elk woord, idee, gedachte of mening die daarover uitgesproken wordt, linea recta mijn neus uitkomt, als ik er al niet van moet overgeven. Zo genoeg heb ik inmiddels van die stortvloed die ik dagelijks over mij heen krijg en die ik als de grootste pestilentie van deze coronacrisis beschouw. Dat constante gelul dat mij doet uitkijken naar het einde van die coronatijd en dat mij zwaarder valt dan welke beperking of maatregel ook.

Geplaatst in Media | 3 reacties

Tien van Toen – 705 –

Vijfentwintig jaar geleden beleefde Nederland de hoogtijdagen van de paarse kabinetten onder leiding van Wim Kok, de kabinetten die er volgens Pim Fortuyn een rotzooitje van hadden gemaakt, de puinhopen van Paars in het leven hadden geroepen. Toch goed om nog eens na te gaan welke klunzen van ministers zich aan deze vorm van wanbestuur hadden schuldig gemaakt, als Fortuyn tenminste geloofd moest worden. Tien bewindslieden uit het eerste paarse kabinet onder Wim Kok waren:


Hans van Mierlo Buitenlandse Zaken) – Joris Voorhoeve (Defensie) – Gerrit Zalm Financien) – Hans Wijers (Economische Zaken) – Jo Ritzen (Onderwijs) – Jan Pronk (Ontwikkelingssamenwerking) – Ad Melkert (Sociale Zaken) – Els Borst (Volksgezondheid) – Winnie Sorgdrager (Justitie) – Jozias van Aartsen (Landbouw en Visserij)


Als er dan al sprake zou zijn geweest van failliet beleid, wat ik overigens in het Nederland van de negentiger jaren totaal niet heb ervaren, dan valt dit toch erg lastig te rijmen met deze namen die stuk voor stuk hun bestuurlijke competenties bewezen hebben. Hoewel er bij deze of gene natuurlijk altijd wat valt af te dingen.

Geplaatst in Tien van toen | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Einde verhaal voor Rutte

Na de ontslagname van Lodewijk Asscher en Eric Wiebes naar aanleiding van de kinderopvangtoeslagaffaire stond Mark Rutte niets anders meer te doen dan de vlucht naar voren te kiezen en dus collectief het ontslag van zijn kabinet aan de koning aan te bieden. Met de coronacrisis en zijn ministers en staatssecretarissen als schild, want er is ten slotte iemand nodig om op dit moment aan de regeringsploeg en het land leiding te geven. Waardoor hij de tijd aan zijn zij veronderstelde om het verstrijken ervan in zijn voordeel te laten werken. Want wat beheerst de politiek meer dan de waan van de dag, moet Rutte zonder twijfel denken, ook met de verkiezingen in het vooruitzicht. Met alle lawaai eromheen is iedereen alles zo vergeten. Dat zal ongetwijfeld zijn idee geweest om zo de dans te ontspringen, om zich zo van de toorn van de kiezer te ontdoen. Om daarna weer vrolijk vier jaar verder te regeren en de premier uit te hangen. Welke gedachtengang natuurlijk tegen elke logica in gaat en zich op geen enkele wijze verhoudt met redelijkheid en gerechtigheid. Want waar Wiebes en Asscher nog passanten genoemd kunnen worden die wel met hun neus boven op alles dat er rond de kinderopvangtoeslagen fout ging, hebben gezeten, is Rutte tien jaar lang als minister-president eindverantwoordelijk geweest voor al deze ellende.


Voor foute en leugenachtige informatie of het achter houden ervan. Voor het falen van de rechtsstaat tegenover alle gedupeerden. Voor de belemmering van de rechtsgang. Voor de ontwrichting van tienduizenden levens. Om maar een paar hoofdzaken te noemen die Rutte zo aangewreven kunnen worden en die met recht en reden de vraag oproepen hoe hij het in zijn hoofd haalt, met dit dus op zijn conto, om te denken dat hij nog fris en fruitig en ook nog vrolijk kan doorregeren. Dit kan hij toch niet menen? Of heeft hij de huid van een olifant, dan wel is hij voorzien van een laag teflon waardoor alles van hem afglijdt, met inbegrip van elk gevoel? Hoe kan je anders nog zo vrolijk in Den Haag rondfietsen, is toch een logische vraag, die ieder weldenkend mens zal stellen bij het zien van zoveel gebrek aan empathie en van zo weinig besef van de schade die bij mensen is aangericht. Zou het niet logischer zijn om deemoedig het hoofd te buigen en terug te treden in plaats van te denken dat het land en de VVD niet zonder je kunnen? Een grote illusie, heet dat. Van een man die de weerbarstige werkelijkheid niet kent en misschien wel ontkent, want denkt deze naar zijn hand te kunnen zetten, maar intussen wel erdoor is ingehaald en gepasseerd. Het kan toch niet waar zijn dat zo’n man, Rutte, unverfroren door blijft gaan met regeren?

Geplaatst in Politiek | Tags: , , , , , | 5 reacties

‘Oorlogswinter’

Een aantal maanden geleden kwam ik voor het eerst in aanraking met werk van de Nederlandse cineast Martin Koolhoven. Een kennismaking die mij niet meeviel, hoewel zijn vakmanschap uit zijn film ‘Brimstone’ duidelijk viel af te lezen. Maar het gebruik van geweld, het expliciete karakter ervan en met name de centrale rol die eraan werd toegekend, maakte ‘Brimstone’ voor mij maar heel moeilijk verteerbaar. Des te benieuwder was ik daarom naar de wijze waarop hij het boek ‘Oorlogswinter’ van Jan Terlouw vorm had gegeven. Het betrof namelijk opnieuw een gegeven waarin het geweld ook gemakkelijk een plaats had kunnen krijgen, ondanks dat het toch om een jongensboek ging. Maar misschien was het die ogenschijnlijke tegenspraak die mij zo nieuwsgierig maakte naar de vorm en aanpak die Koolhoven had gekozen om van dit jongensboek een film te maken die ook voor volwassenen het aanzien waard zou zijn. En om dan maar bij de conclusie te beginnen. Voor die toets is Koolhoven beslist wel geslaagd met deze film die mij toch anderhalf uur wist te boeien.


Aan vakmanschap weer geen gebrek, ook al bleef het verhaal op het niveau van een spannend jongensboek steken, niet in de laatste plaats door de jeugdige hoofdrolspeler, die volgens de vertelling van Terlouw in de winter van 1944/1945 zijn jongensdroom en jongensavontuur mocht beleven. Want dat bleef het wel zonder dat dat ook een belemmering vormde voor een beleving als volwassen kijker, die immers ook jong is geweest en net zo heeft kunnen dromen. Vandaar dat fantasie en werkelijkheid in het tijdsbestek van de film mooi over elkaar heen schoven en zo een onderhoudende film deden ontstaan. Waarbij echter wel een enkele kanttekening past. Zoals bij de enkele scenes waaraan veel figuranten deelnamen en die op zijn zachtst gezegd nogal amateuristisch in elkaar waren gezet. Staat het goede spel van met name de jeugdige hoofdrolspeler tegenover. Want zie maar als jonge jongen de hoofdrol te spelen in je eigen jongensdroom als die ook nog eens tot een bittere werkelijkheid verkeert. En dat is natuurlijk wel de verdienste van Martin Koolhoven die van dat spannende boek ‘Oorlogswinter’ zo’n aansprekende film heeft weten te maken.

Geplaatst in Kunst en cultuur | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Het klokje van ongehoorzaamheid

Zoals de avondklok in Nederland tikt, tikt – ie in ieder geval nergens. Zoveel is na vandaag ook weer duidelijk geworden. Want het zou eens geen issue zijn geworden, die avondklok als middel om de verspreiding van het coronavirus en vooral haar Britse mutant te beperken of tegen te gaan. Uiteraard moest dat aan de orde komen in ’s lands vergaderzaal op het Binnenhof, die kwestie die in no time de status van nationaal belang had bereikt. En vanzelfsprekend ging die vlieger voorlopig niet op, nadat Rutte er eerst een proefballonnetje over had opgelaten. Wat dus stante pede lek en uit de lucht werd geschoten, om geen andere reden dan dat zoiets als een avondklok nu eenmaal in Nederland heel erg gevoelig ligt, omdat het teveel herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog op zou roepen. Aan Sperrzeit, aan de Duitse overheersing. Hoe hypergevoelig kun je wel niet als natie zijn. Alsof wij collectief tussen ’40 en ’45 zo gekwetst zijn en zo hebben geleden, veel meer dan de Belgen, de Fransen en veel andere volken die stukken minder ingewikkeld over een avondklok doen, als daar het nationale welzijn, de volksgezondheid mee is gediend.


Of wordt die vermeende gevoeligheid er met de haren bij gesleept bij gebrek aan betere argumenten om gewoon dwars te liggen en wat lekker te wauwelen te hebben? Nog los van het feit dat WO II feitelijk nauwelijks nog in een collectief geheugen opgeslagen kan zijn, hoogstens bij wat 80-plussers. Maar dan gaat het wel over de kleinst denkbare minderheid van de Nederlandse bevolking. Waarmee het kletskoekgehalte van de argumentatie tegen een eventuele instelling van een avondklok meer dan duidelijk bewezen wordt. Als het ridicule karakter ervan al niet pijnlijk bleek uit de redengeving van Groen Links tijdens het Kamerdebat. Uit welke hoek het verzet ertegen namelijk werd verdedigd met de (ook letterlijk) simpele suggestie om maar eerst naar de vluchten uit Engeland en Zuid-Afrika te kijken, waarna, als dat nog niet zou helpen om besmettingen te verminderen, er alsnog over de invoering van een avondklok gesproken kon worden. Oftewel hoe gevoelig kun je zijn als je zo eenvoudig appels met peren vergelijkt en die zelfs wilt ruilen? Is het misschien dat klokje van ongehoorzaamheid dat dan zomaar spreekt, wikt en tikt, ingebakken als dat nu eenmaal in ons nationale gemoed is.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , , , , , | 6 reacties

‘Thuis’ van Co Woudsma

In dit ‘Thuis’ verwoordt dichter Co Woudsma (1960) het gevoel en de sfeer van het thuiskomen, van het terug van weggeweest zijn:


Het huis is ons vreemd na de kortste vakantie,
veel vreemder dan verre hotels of paleizen.
Het glansloze vloerzeil negeert onze voetstap,
een stapel van krantenpapier ligt op tafel.
De zeep is verdroogd en gebarsten, en went maar
met weerzin aan onze voorzichtige handen.
De kamers, de trappen vergaten volkomen
ons dagelijks leven, dat nu weer bezit neemt
van stoelen en banken. Steeds sterker verstoren
wij gasten het rustige leven der dingen:
de klok, die haar tijd had gevonden, moet doorgaan
en draaien, weer stroomt het geduldige water
door buizen, zojuist nog verzadigd van stilte.
Wij zetten de eigen TV aan en kijken,
en houden ons aarzelend voor dat wij thuis zijn.

Geplaatst in Gedichten | Tags: , | 1 reactie

Een minister zonder regie

Babbels heeft hij meer dan genoeg en zijn woordgebruik is vaak onovertroffen. Want hoor hem palaveren als er een eerste spuit wordt gezet en hij honderduit praat over de mijlpaal waar het goed op zitten is om zo van het toekomstperspectief te genieten. En ooit iemand horen zeggen dat we ferme maanden in het verschiet hebben? Nou, Hugo de Jonge draait er zijn hand niet voor om. Maar vraag hem alsjeblieft niet om de regie te voeren of de touwtjes in handen te houden. Dat is even teveel gevraagd. O.k., dat het geen hoogvlieger is, wisten we wel na de fiasco’s met de beschermingsmiddelen, de bron – en contactonderzoeken en het grootschalig testen. Maar zelfs het schrijven van een heldere en eenduidige brief over zoiets simpels als de uitvoering van een vaccinatieprogramma is voor Hugo echt een brug te ver. Want zijn brief van 4 januari daarover naar de zorginstellingen bleek weer voor elke uitleg vatbaar. Waardoor iedere medewerker in die sector van zijn of haar werkgever toestemming kreeg om het zo lang verwachte vaccin te halen. Resultaat was natuurlijk dat de hele pijplijn in no time verstopt raakte, de voorraad vaccins opdroogde en menigeen, waarvoor die eerste ronde feitelijk bedoeld was, meteen achter het net viste. Hoe krijg je het voor elkaar om de vaccinatietrein al bij de eerste wissel tot ontsporen te krijgen en het hele uitgezette plan ook nog eens in duigen te laten vallen?


Want dat gebeurde er dus, helemaal toen er ook voor degenen die in de acute zorg en op de intensive cares werkten, een eerste plaats in de vaccinatietrein opgeeist werd. En natuurlijk zwichtte Hugo de Jonge en kon hij dag met zijn handjes zeggen tegen dat mooi uitgedachte plan. Voor de zoveelste keer had hij nog alleen maar dooie mussen te bieden en zag ik mijn plekje met mijn 77 jaar op de groene tijdlijn in het vermaarde staafdiagram per dag naar achteren schuiven. Van eind februari via medio maart naar ergens in april. Nou heb ik in mijn leven zo langzamerhand wel geleerd om geduld te betrachten. Maar mag ik mij aan de andere kant ook misschien toch ongerust maken als ik zie hoe iedere beroepsgroep zich onmisbaar verklaart, dus een plekje vooraan in dat vaccinatieproces claimt. Waardoor de vrees mij bekruipt dat het met de incompetentie van deze minister maar afwachten wordt wanneer het spuitje eens mijn kant op komt. Want in dit klimaat van opportunisme en borstklopperij en kijk eens hoe belangrijk en onmisbaar ik ben, heb ik niet meer dan mijn leeftijd en dus mijn kwetsbaarheid te bieden. Zodat de vraag zich bij mij logisch genoeg opdringt of ik dan toch tot de categorie dor hout ben gaan behoren en of dat dan toch de praktijk is die niet met de mond mag worden beleden, maar zich wel duidelijk aan het voltrekken is, een praktijk waar de brutalen de halve wereld hebben en voordringen loont. Dankzij een minister die geen regie kan voeren.

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , , | 3 reacties

De laatste over Trump

Sinds zijn debuut in de politieke arena in mei 2016 heb ik in totaal tweeentwintig logjes aan Donald Trump gewijd. Het laatste dateert al weer van meer dan twee maanden terug. Dat schreef ik op 4 november, een dag nadat de Amerikaanse presidentsverkiezingen hadden plaats gevonden en toen nog niet bekend was dat hij zijn herverkiezing was misgelopen. Daarvoor besteedde ik een jaar lang geen aandacht aan hem, waarschijnlijk omdat ik wel was uitgekeken op zijn strapatzen en ik mijn lezers niet wilde vervelen met mijn boosheid en ergernis, waaraan voor mij, als het om hem ging, niet meer te ontkomen viel. Omdat Trump in zijn ambtstermijn op zijn laatste benen lijkt te lopen en het er dik in lijkt te zitten – als het tenminste aan de Democraten en Nancy Pelosi ligt – dat wij hem in 2024 niet meer opnieuw zullen zien optreden, wordt dit het laatste logje dat aan Donald Trump wordt gewijd. En dat doe ik echt met een zucht van verlichting, zeker na al het tumult dat hij de afgelopen twee maanden heeft veroorzaakt. Waarbij de ene na de andere historische paralel zich bij mij opdrong, gevoelig als ik ben voor de wetmatigheid die in de geschiedenis besloten ligt, namelijk dat ze zich blijft herhalen. Ook in een land dat zich de oudste moderne democratie noemt, de Verenigde Staten. Waar opeens, de afgelopen vier jaar, net als in nazi – Duitsland de leugen kon gaan regeren.


Die ook nog eens door miljoenen en miljoenen geloofd werd, miljoenen die zich door de stem van Trump lieten meevoeren en bedwelmen, want ieder oog verloren voor de verpestende inhoud van zijn boodschappen. Hij werd een cultus, een religie, ook met rituelen en symbolen, tot aan het vertoon met Confederatievlaggen aan toe. En dat alles voortdurend gelardeerd door zijn rallies en de hoge toon van zijn toespraken waarin verfijning uiteraard zoek was en de grofheid alleen maar zegevierde, dus elke tegenstander geschoffeerd werd. Zwart wit en weg met de nuance. Wij tegen zij, in die zin dat Amerika groot moest zijn en ook alleen nog maar telde. Met uiteindelijk de straat die regeerde. Waardoor de bestorming van het Capitool het logisch resultaat moest zijn van zo’n bondgenootschap dat we in de jaren dertig in nazi – Duitsland ook hebben gezien, met alle vreselijke gevolgen van dien daarna. Zodat we nu maar wat gelukkig mogen zijn dat deze Trump zijn mars naar de macht niet heeft kunnen voltooien, zijn hand heeft overspeeld, zich heeft overschreeuwd en uiteindelijk in zijn laatste en tot vervelens toe herhaalde leugen is blijven steken. In het andere geval had ik het niet geweten. Want dan was hij met Amerika aan de haal gegaan en zou het onzeker zijn geworden of we dat met zijn allen nog hadden kunnen navertellen. Omdat de geschiedenis zich nu eenmaal in wat voor vorm ook herhaalt

Geplaatst in De wereld | Tags: , , , , | 2 reacties

Winterviolen (haiku)

Winterviolen
bloeien volop boven nul,
maar slinken bij vorst.

Geplaatst in Gedichten | Een reactie plaatsen

Emmy Postma vertrok…..

Als er iemand zichzelf meteen al in het nieuwe jaar op een onvergetelijke wijze heeft geportretteerd, dan is het wel Emmy Postma uit Utrecht. Net over de drempel, dus op 1 januari, kwam ze bij iedere televisiekijker met de deur in huis vallen met haar verhaal. Dat begon een paar jaar geleden toen ze haar luxe- en voorspelbare leventje in een chique wijk in Utrecht voor gezien hield en iets heel anders wilde. Een kasteel in Frankrijk met B & B, om maar eens een dwarsstraat te noemen. Waarop ze door de mannelijke helft van haar vriendenkring – gearriveerde heren in goede doen, dus erg gesteld op de zekerheden voor de rest van hun leven – voor gek werd verklaard alsook gedoemd om vreselijk failliet te gaan. In welk koor haar echtgenoot van harte meezong en dus ook afhaakte en zijn vrouw haar gang liet gaan naar Frankrijk, naar de Dordogne om daar haar droom te verwezenlijken. Met drie ton op zak om dat kasteel in Douzillac te verwerven plus 25.000 euro om daarin verbouwingen en aanpassingen te verwezenlijken. Wat voor elke nuchter kijkende toeschouwer onbegonnen werk leek gezien de chaos die er in en rond haar nieuwe bezit bleek te heersen. Want het verval had er dus in alle opzichten zijn werk gedaan zodat zich wel een kapitale mislukking leek te moeten voltrekken. Een vertrekpunt voor een nieuw begin dat qua rampzaligheid in de langjarige reeks van “Ik vertrek” nog niet overtroffen was. Reden genoeg voor een normaal mens om het bijltje er maar meteen bij neer te gooien.


Zo niet voor Emmy die goed gemutst gewoon ergens begon zonder dat er van een projectplan of een richting of bedoeling sprake was, omdat ze zich zo bij wijze van spreken altijd en eigenlijk van dag tot dag verzekerd wist van een resultaat en zo de goede moed er in te houden was. Met chaos en anarchie als de leidraad en richtsnoer voor haar werkzaamheden aan dat kasteel en van haar leven erin. Een leven van dag tot dag, ver weg van alles en ieder die haar lief was, met afwisselend een lach en een traan en daarom ook logischerwijs een zestigste verjaardag in haar eentje gevierd met een goed glas wijn bij de hand plus frisse moed erbij. Met voortdurend als stip aan de horizon die gasten die op enig moment in haar kasteel ontvangen en verwend moesten worden. Wat haar in staat stelde om nagenoeg in haar eentje zwoegend en ploeterend naar dat doel toe te werken. Dat Emmy waarachtig wist te bereiken toen ze afgelopen zomer haar domein voor haar eerste gasten kon open stellen. Ze had haar droom gerealiseerd en zich die onafhankelijke vrouw getoond tegen de verdrukking in van al die mannen die het allemaal zo veel beter wisten. En dat was haar gelukt door haar geloof in haar droom, door haar vaste wil om die te verwezenlijken. Met zo’n perspectief en die kracht kon ze, zo zei ze, in haar eentje bergen verzetten. Waarmee ze zichzelf plaatste in mijn portret van de dag, als een levend voorbeeld en een teken van hoop dat juist in 2021 zo op zijn plaats is.

Geplaatst in Portret van de dag | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen