Gedachten op de kortste dag

Dit zijn overduidelijk de donkere dagen voor en rond Kerstmis. Als de eerste streep daglicht zich aankondigt om de klok van half negen ’s ochtends, waarna de lampen weer aangaan, zo’n kleine acht uur later, als de dag eigenlijk zijn vorm begint te krijgen. Waardoor de duisternis in feite ons leven in deze dagen domineert en beheerst. Wat dan gezellig heet te zijn en misschien meteen verklaart waarom de meerderheid van ons volk de wintertijd permanent prefereert in plaats van steeds die klok te moeten verzetten. Alsof dat zo’n reuze inspanning vraagt. Of is er zoveel onder ons dat het daglicht beter niet kan velen, zou je bijna gaan denken. Dat alles verder daargelaten, er is op deze kortste dag in weerwil van die alsmaar aanwezige duisternis toch nog een lichtpuntje te ontdekken. Want vanaf vandaag gaan de dagen weer lengen, krijgen we per dag telkens twee minuten meer daglicht om van te genieten. Dat is de belofte waar we het voorlopig mee moeten doen, nu zelfs de Kerst en de aanloop er naar toe niet meer zijn wat ze eens geweest zijn en wat ze zouden moeten zijn als we alle Kerstkaarten en reclameboodschappen zouden moeten geloven.

Niks witte Kerst, niks winterwonderland, laat staan dat we er in koor met Bing Crosby nog van mogen of kunnen dromen. En ook waait de wind niet zachtjes om het huis terwijl de kachel staat te snorren op vier. In de verste verte niet. Met dank aan het klimaat dat zich de andere kant op ontwikkelt als gevolg van de driftige leniging van onze consumptiebehoeften en dat er daardoor voor zorgt dat de naargeestigheid van deze kortste dag zich vertaalt in een temperatuur van veertien graden, terwijl de wind met een kracht van vijf tot zes waait. Waarmee de witte Kerst en alles dat daarbij hoort, illusies, dromen of verzonnen verhalen, langzamerhand geschiedenis wordt en alleen nog op vergeelde foto’s is terug te vinden voordat het echt naar het rijk van de fabelen verwezen wordt. Mooier kunnen we het helaas niet maken. Het is zoals het is. Maar ach, het zou wat zijn als we het toch eens mooier konden maken…….

Advertenties
Geplaatst in Persoonlijk | 2 reacties

De kerstroos (haiku)

Op de kortste dag
is de kerstroos – als verwacht –
tot bloei gekomen.

Geplaatst in Gedichten | 2 reacties

De paradox die Rutte heet

Wie Rutte nog kan volgen, moet het hier vooral komen zeggen en ook nog uitleggen. Want zijn wegen zijn zo langzamerhand ondoorgrondelijk geworden als hij er maar wat van blijft bakken. Zou hij zichzelf nog wel begrijpen, is een alleszins gerechtvaardigde vraag als zijn daden en woorden van het afgelopen jaar op een rij worden gezet. Waarbij een extra probleem is dat vaker onduidelijk is of hij als partijleider of als premier dan wel als een burger het woord aan het voeren is of meningen vertolkt. Glad en vaag tegelijk en nauwelijks onder een hoed te vangen, terwijl hij niet ophoudt te lachen en te wauwelen om zijn meningen en zijn beleid aan de man te brengen. Maar in welke hoedanigheid? Het gaat van links naar rechts en andersom plus van onderen naar boven en weer omgekeerd zonder dat er ergens een constante of een lijn in is te ontdekken. Ja, alleen dat je van zijn verhaaltjes onder de streep geen cent wijzer wordt, ook al oogt het allemaal leuk en is het sympathiek verpakt. Zie het charme – offensief waarmee momenteel de gevolgen van zijn kabinetsbeleid aan de man worden gebracht. Want tot vervelens toe wordt het maar herhaald dat we er met zijn allen volgend jaar echt op vooruit gaan. We zullen het nog nooit zo goed gehad hebben als in 2019, wordt er maar voorspeld door alles wat er bij Rutte hoort, als hij het zelf al niet voor de zoveelste maal durft te beweren. Ondanks de verhoging van de BTW, ondanks de stijging van de energieprijzen als gevolg van overheidsbeleid, ondanks de stijging van de ziektekostenverzekeringspremies.

Plus de daardoor voor veel ondernemers aanwezige gelegenheid om nog een extra klap op de prijzen te geven. Zo werkt de markt immers. Hetzelfde circus zijn we bij de invoering van de euro toch nog niet vergeten? Zullen we het dan nog maar niet hebben over de gevolgen van het klimaatakkoord dat binnenkort gesloten wordt en waarvan de bijkomende kosten zonder twijfel afgewenteld worden op de burger, omdat het bedrijfsleven nu eenmaal heilig is, ontzien wordt door Rutte, in wiens mond de concurrentiepositie en het scheppen van werkgelegenheid als excuus daarvoor bestorven liggen. En vervolgens komt de echte paradox, waarvan hij waarschijnlijk niet eens het bestaan vermoedt, aangezien hij gewoon maar wat doet. Of valt het nog ergens mee te rijmen dat hij ons allemaal oproept om ons mooie land toch vooral als een kostbaar bezit te hanteren, een bezit dat breekbaar als een vaasje is? Een beroep dat nota bene wordt gedaan door de man die als eerste ervoor verantwoordelijk is dat de inkomensverschillen de afgelopen jaren alleen maar groter zijn geworden en de kloof tussen arm en rijk dus tegelijk breder. Juist hij ging als een olifant door de porseleinkast van evenwichtige maatschappelijke verhoudingen. Hij heeft de boel op zijn kop gezet. En het dan ook nog bestaan te verkondigen dat we eigenlijk allemaal, dus hij ook, gele hesjes dragen. The limit! Is het dan te veel gezegd dat hij de weg geheel kwijt geraakt is en zichzelf ook niet meer zal begrijpen, als hij de paradox in eigen persoon geworden is.

Geplaatst in Politiek | 3 reacties

Bill Evans

Te sporadisch is hier aandacht besteed aan een van de meest belangrijke jazzpianisten van de twintigste eeuw. Wonderlijk en ten onrechte tegelijk dat Bill Evans (1929 – 1980) die zich met de groten in zijn genre zoals Miles Davis en John Coltrane mocht meten en ook optrok, dus hier zo weinig aan bod is geweest. Die nalatigheid – want zo mag het gerust genoemd worden – wordt hier hersteld met een opname van deze virtuoos, Bill Evans, die met zijn trio ‘Some day my prince will come’ vertolkt.

Geplaatst in Muziek | Tags: , , , , | 2 reacties

Het fenomeen van de Kerstmarkten

Op de kop af zeven jaar geleden, met nog twee dagen erbij, liet ik op dit weblog mijn licht schijnen op het fenomeen van de Kerstmarkten. Hoewel we in een rumoerige en dynamische tijd leven, blijkt ze wat dit aangaat eigenlijk volledig te hebben stil gestaan. Want de tekst die ik toen daaraan wijdde en die hierna volgt, had ik vandaag dus net zo kunnen schrijven. Omdat ze nog altijd actueel is.

Het is iets waarvan de lol nog nooit tot mij heeft weten door te dringen. Het neemt hand over hand toe en het is nu al zover gekomen dat geen enkele zichzelf respecterende stad er in de hele maand december niet een binnen haar grenzen heeft. Het is over komen waaien uit Duitsland, waar het fenomeen al tientallen jaren een eclatant succes is. Zonder zou het Kerstfeest daar zijn glans niet hebben en de weken voor Kerstmis voor velen hun charme en sfeer missen. Reisbureaus en touroperators varen wel bij het bestaan ervan. Want tientallen bussen maken nog altijd de dagtochten naar de Kerstmarkten in Duitsland, dat toch als de bakermat ervan wordt beschouwd. Van daaruit zijn ze langzamerhand een vertrouwd verschijnsel geworden en hebben ze de laatste jaren duidelijk hier ook vaste voet aan de grond gekregen. De belangstelling en toeloop groeit alleen maar met als sprekende voorbeelden de festijnen in Valkenburg en Maastricht, die goed zijn voor tienduizenden bezoekers, die mij alleen maar voor steeds grotere raadsels stellen.

Ik snap er hoegenaamd geen bal van wat mensen te zoeken hebben in die opeenstapeling van kitsch die verdeeld is over tientallen namaak-skihutten en imitatie-Dickenswoningen, welke dat ‘winterwonderland’- en ‘witte Kerst’- gevoel schijnen op te roepen. Bij mij in ieder geval niet. Eerder stomme verbazing dat zovelen dit kennelijk nodig hebben om onder de onvermijdelijk begeleiding van Bing Crosby of Wham in een voor mij onpeilbare mood te raken. Het gaat volledig langs mij heen, de lol van de Reifkoekjes, de Glühwein en de mutsen met belletjes en nog het meest dat gesjok en gesjouw in drommen langs al die huisjes en kraampjes waar de prullaria de norm vormen. Hoewel lol teveel lijkt gezegd als ik al die gezichten zie, met een mimiek die nauwelijks die benaming verdient gezien de afwezigheid van een uitdrukking erop, gecombineerd met een blik op oneindig. Zo tekent zich voor mij die voorpret af, die ik zo niet zou willen noemen en die mij allesbehalve inspireert om mij te voegen in die rijen van bezoekers die hun gang over de Kerstmarkt als een corvee, als een dure plicht lijken te ervaren. Laat staan dat er een verband te herkennen is met een naderend feest, waarvan de tucht er door de markt aldus zichtbaar in wordt geramd.

Geplaatst in Samenleving | Tags: , , , , , , | 3 reacties

‘Ako-diner 1990’

Een gedicht mag best geestig zijn en dus een komische pointe hebben. Een fraai voorbeeld daarvan gaf schrijver Frans Pointl, van wie de verhalenbundel “De kip die over de soep vloog” genomineerd werd voor de AKO-literatuurprijs 1989. Hij mocht daarom aanzitten aan een diner dat voorafging aan de uitreiking van die prijs en kwam naar aanleiding daarvan tot het volgende gedicht dat hij de titel “Ako-diner 1990” gaf:

er stonden een Rolls, een Bentley en een Porsche
een echtpaar stapte uit een Saab Turbo
ik stapte uit mijn strippenkaart

voor het eerst zat ik aan
aan een diner
dat viel verdraaid niet mee
een colonne obers bracht schalen binnen
waarop saumon fumé

daarna kreeg ik een bord
met iets roze-roods erop
dat leek op een jonge uit het nest
gevallen en gefrituurde reiger
ik vroeg iemand hoe dit heette
die meneer zei: zolang het niet
beweegt kunt u het rustig eten

het diner was beslist niet slecht
maar ik prefereer brood met omelet
aangezeten aan eigen aanrecht.

Geplaatst in Gedichten | Tags: , , , , | 2 reacties

Cold war’

Is er zoiets als een onmogelijke liefde? De Poolse regisseur Pawel Pawlikowski tracht op deze vraag een antwoord te vinden in zijn film ‘Cold war‘. In zijn zoektocht toont hij twee mensen die bij elkaar willen horen, vurig zelfs, maar niet bij elkaar passen. Vanwege verschillende ambities en door motieven die tot tegenovergestelde plaatsbepalingen leiden. Het IJzeren Gordijn vormt nauwelijks een belemmering voor hen om bij elkaar te komen of te zijn, hoogstens het decor voor hun problematische verhouding en tegelijk bepalend voor de sfeer waarin ze tot elkaar komen, maar even zo snel weer uit elkaars oog verdwijnen. Waarmee meteen de rode draad is genoemd die door deze hele film loopt, een film die, waarmee het hoge woord er meteen uit is, meer dan de moeite van het zien en beleven waard is. Op de eerste plaats doordat ze in de fraaist mogelijke zwart-wit fotografie geschoten is, waardoor met name de sfeer van het eerste decennium van na de Tweede Wereldoorlog in Oost – Europa zo raak getroffen kon worden, alsook die van het Parijs van de vijftiger jaren.

Hiernaast speelt de muziek een net zo bepalende rol in ‘Cold war’. De loepzuiver gezongen volksmuziek uit Polen naast de jazz en de klassieke muziek, die meer de afspiegeling vormden van het leven aan onze kant van het IJzeren Gordijn in die jaren, in het westerse Parijs. Blijft over een laatste element dat deze film haar kracht en pracht heeft gegeven en welke erin bestaat dat er steeds sprongen in de tijd worden gemaakt, zonder dat aan wordt gegeven wat er in de tussentijd is gebeurd. Het geeft het verhaal vaart, het kluistert je als toeschouwer aan je stoel, terwijl je toch de ruimte houdt om aan zo’n gat in de tijd een eigen interpretatie en invulling te geven. Hinderlijk zijn die lacunes niet, integendeel, omdat je des te gemakkelijker in het verhaal, in de zienswijze van Pawlikowski wordt meegenomen naar een einde, een conclusie, die in feite open is, zonder raadselachtig te zijn, hoogstens in het midden laat wat de opvatting van de maker van ‘Cold war’ is over liefde en wat daar al of niet onmogelijk aan is. Wat niet wegneemt, dat de vijf sterren die aan deze film zijn uitgedeeld, beslist op hun plaats zijn, zodat ik mij nu eens niet door het legertje van filmrecensenten in de kou gezet voel.

Geplaatst in Kunst en cultuur | Tags: , , | 3 reacties