Na en door Hermans

Willem Frederik Hermans, de wat mij betreft grootste Nederlandse schrijver van de twintigste eeuw, heeft mij aan het lezen gekregen. Zijn roemruchte en onvolprezen roman “De donkere kamer van Damocles” werd in 1959 mijn entree tot in eerste instantie de Nederlandse literatuur. Je kunt een slechter toegangsbewijs krijgen. Hoewel er, achteraf beschouwd, best wel een paar mitsen en maren aan te verbinden zijn. Want beginnen met een meesterwerk betekent zoveel dat veel van wat er volgt in de schaduw ervan komt te staan. Hoewel dat ook weer betrekkelijk bleek omdat mijn onderscheidingsvermogen, als debutant en beginnend lezer, nog niet noemenswaardig ontwikkeld was. Maar het zij gezegd. Met die eerste roman was de toon toch gezet. Het bleek namelijk bij uitstek toegankelijke lectuur. Enerzijds door het thema van de dubbelganger dat in een oorlogsomgeving werd gesitueerd. Anderzijds was het verhaal geschreven in een stijl die volledig transparant was en waarin niet allerlei literaire hoogstandjes werden verricht. Hermans was daar wars van, wat zijn meesterschap als verteller en als schrijver eens te meer bewees. Waarmee, ondanks alles en in weerwil van mijn debutantenstatus, toch een standaard tot stand was gekomen, tegen de achtergrond waarvan elk volgend boek ook door mij beoordeeld zou worden. Lastig, dat wel, maar tegelijk ook een goede slijpsteen voor de geest.


Omdat Hermans onmogelijk zaligmakend kon zijn, hoezeer hij de pretentie had dat wel te zijn. Het kan echter niet ontkend worden dat die eerste kennismaking, en vooral het gemak waarmee dat gebeurde, mij al die jaren dat ik nu lees, toch in enige mate parten is blijven spelen. Bij het begin van veel boeken betrap ik mij erop dat ik het vlotte entree mis dat Hermans mij in zijn “Donkere kamer van Damocles” verschafte en waarin Thomas Mann in “De Buddenbrooks” ook zo’n meester bleek. Vanaf de eerste bladzijde had de vertelling in beide boeken mij in zijn greep en hoefde ik er niet dertig, veertig pagina’s over te doen om aan een schrijfstijl te wennen of zicht te krijgen op een verhaallijn of thematiek. Zo’n zoektocht kan met recht verloren energie genoemd worden. Die trouwens ook voorkomt bij de overstap van het ene naar het volgende boek, als je als lezer ook zo’n switch in stijl moet maken. Wat langzamerhand trouwens usance begint te worden en daarmee naar mijn mening toch een indicatie is voor een inboeting aan kwaliteit, waaraan lectuur en nog meer literatuur meer en meer onderhevig wordt. Met als gevolg dat je zomaar kan gaan denken dat vroeger dan wel niet alles, maar toch behoorlijk wat stukken beter was. Met als sprekend voorbeeld zo’n schrijver als W.F. Hermans.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Boeken en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s