Tussen ZOOM – en en prikangsten

Nog altijd doet het levensgevoel zich aan mij voor in de meest onverwachte vormen en bij gelegenheden en momenten die ik nooit zie aankomen. Het is er opeens. Telkens anders, maar steeds met een kracht die je er bewust van doet zijn dat het er nog altijd is. Waardoor je je gelukkig mag prijzen, met een plek nog midden in het leven, getuige dat opspelend gevoel. Waarbij het er nauwelijks toe doet welke vorm het heeft. Natuurlijk is het heerlijk en opwindend om nog altijd te mogen ZOOM – en, om de polslag van de technologie en van de vaart waarmee ze zich ontwikkelt, te kunnen volgen. Om erbij te zijn, het te zien gebeuren. Reden genoeg om de uiterste inspanning te doen om vooral zo lang mogelijk aan te haken. De moeite waard blijft het vanwege de lol die het bezorgt, door de kick van te verkeren op de place to be. En dat is des te aangenamer als datzelfde levensgevoel ook wel eens onderbroken wordt door of afgewisseld wordt met stomme verbazing, ongeloof, het bij lange na niet snappen van facetten, van dagdagelijkse dingen die op een of andere manier ook tot het moderne leven behoren. Die je ergernis bezorgen, je met je onbegrip het gevoel geven aan de zijlijn te staan. Het overkomt mij meer dan eens. Maar door de jaren heen heb ik geleerd te zwijgen of de andere kant op te kijken dan wel de schouders op te halen voor van die facts of life die zover van je verwijderd zijn. Zoals alle soesa die er momenteel wordt gemaakt rond het testen met wattenstaafjes van jonge kinderen, die hun tere zielen zouden kunnen beschadigen als daarmee te diep in hun neusgat wordt gegaan.


Omdat het pijnlijk zou zijn. Waar vervolgens een heel item van wordt gemaakt in de berichtgeving met inbegrip van interviews die bij een koor van deskundigen worden afgenomen. Waarmee het problematiseren zijn beslag krijgt en een ding dus een kwestie wordt en vervolgens een probleem dat echt opgelost moet worden, zodat de kindertjes geen pijn meer hebben. Maar de sublimatie van dit problematiseren, dat van elke muis een olifant maken, werd deze week bereikt met het opduiken van een fenomeen dat prikangst heet en waaraan dertig tot vijftig procent van de Nederlanders zou lijden. Als dat al waar zou zijn, dan is het bestaan van prikangstpoli in Amersfoort natuurlijk gerechtvaardigd, zoals daar dan ook plek is voor een legioen van coaches en trainers die al die arme zielen die aan prikangst leiden, bij de hand richting vaccinatie nemen. Waar ik dus verdrietig en weemoedig van word, van zoveel problematiek die het synoniem van aanstellerij kon zijn. Maar dat mag je niet meer zeggen. Omdat dat getuigt van gebrek aan empathie, wat langzamerhand de hoogste vorm van beschaving lijkt te zijn. Dus haak ik daar finaal af en ga op zoek naar dat stukje levensgevoel dat zich nog wel in deze tijd herkent, zich in het midden ervan bevindt, omdat ik mij daar stukken beter voel. Want wat is er mooier dan appen of ZOOM – en?

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Persoonlijk en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s