Wat is nog vanzelfsprekend?

Nu het leven ook voor mij begint op te schieten, blijkt het steeds minder vanzelfsprekendheden te bevatten. De volgende dag komt niet meer alsof er niets aan de hand is. Ze dient zich aan en wordt in dank afgenomen, door een groeiend besef over je eigen aanwezigheid en je bestaan, dat minder en minder een gegeven is, dus zeker geen onontkoombaar feit. Waarmee het prijzen van de dag dat je er mag zijn, en liefst in de beste staat, allesbehalve dat loze gebaar is dat het toch zolang was toen leven nog alleen maar leven was en er gewoon bij hoorde. Waarover je dus niet dag in, dag uit hoefde na te denken, laat staan in te zitten. Niet dat van zo’n gemoedstoestand nu hoofdzakelijk sprake is geworden. Maar het vorderen der jaren en het om je heen kijken heeft wel tot gevolg gehad dat je je dus anders bent gaan verhouden tot het leven, dat je het meer als een gift, als een geschenk, als een meevaller beschouwt in het licht van het aantal jaren dat je al op dit ondermaanse hebt mogen verblijven. Waarbij je met name geholpen wordt door te weten welk lot leeftijdgenoten zo al hebben ondergaan. En dan ga ik voorbij aan de velen die ongeveer gelijk met mij geboren zijn, maar die niet meer tot de levenden behoren. Beperk ik mij tot die laatste categorie, tot de lotgevallen van een deel ervan, dan durf ik gerust te zeggen dat ik tot nu toe behoorlijk geboft heb en de dans van de lichamelijke tegenslag zeker ben ontsprongen.

Zie bijvoorbeeld dat stel dat altijd de sterren van de hemel op de tennisbanen speelde en nu dagelijks moeizaam bij mijn huis voor langs komt sjokken, in een tempo dat niet eens meer ongemakkelijk is, omdat het eigenlijk die naam nauwelijks verdient. Zo pijnlijk traag kan het dus gaan. Of denk aan die goede vriend bij wie het licht door fysieke tegenslag en weemoed langzaam aan begint uit te gaan, waardoor hij het contact met de werkelijkheid kwijt is aan het raken en dus het nog met zijn eigen realiteit moet doen. En dan zwijg ik nog over de vele ongemakken en ziekten die bij een contact met leeftijdgenoten de revue schijnen te moeten passeren, omdat de overige gespreksstof wel opgedroogd kon zijn. Vrolijkheid en plezier is dus allerminst troef als je bij dat soort gelegenheden de oren slechts naar een en dezelfde kant laat hangen. Uiteraard moet en kan je er op zo’n moment in meegaan, zonder je mee te laten slepen en je tegelijk er bewust van te zijn dat in je leven niets meer vanzelfsprekend is, dat je elke dag ook aan de beurt kan zijn, dat het noodlot jou ook kan treffen. Vandaar dat ik dus elke dag omarm, haar pluk, maar met mijn beide benen op de grond blijf staan. Want door te zweven, kun je heel hard vallen, waarna het op de leeftijd die ik nu heb, gewoonlijk nooit meer goed pleeg te komen.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Een reactie op Wat is nog vanzelfsprekend?

  1. Margo zegt:

    Alles was vanzelfsprekend. En ik ervaar, voel hetzelfde als jij omschrijft. Hoe ouder je wordt hoe meer je over alles gaat nadenken. Ook al omdat je steeds meer tijd hebt om te denken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s