Op een dag in mei 1958

Typisch is dat toch dat de grote gebeurtenissen uit mijn jonge jaren, die ingrijpende voorvallen, bijna nooit op de gevoelige plaat zijn vastgelegd en dat er ook nergens foto’s van te vinden zijn. Ik heb ze in elk geval niet. Wat ook te verklaren valt uit het feit dat er in de vijftiger jaren – want over die tijd gaat het hier – eigenlijk sporadisch werd gefotografeerd. Gevolg is dat ik op mijn geheugen ben aangewezen. En toeval of niet, laat nou dat wat er voor mij in die tijd echt toe deed, mij bij de keel greep, messcherp en diep in mijn geheugen gegrift zijn. In beelden, meestal levende beelden, met ook nog eens geluid en geur erbij. Zo draag ik bijvoorbeeld al mijn hele leven een beeld van een glazen vaasje met mij mee, een vaasje dat tot de rand toe gevuld was met galstenen die bij mijn moeder operatief waren verwijderd. Wat een hele ingreep was in die dagen. Net zo helder zie ik mij met een longontsteking en koortsig op een bed in onze woonkamer gespannen en licht opgewonden luisteren naar ir. Ad van Emmenes die live verslag deed van de overwinning van het Nederlands voetbalelftal op de wereldkampioen West – Duitsland in Dusseldorf. Ik schrijf dan maart 1956. Om een half jaar later weer van mijn stuk gebracht te zijn toen ik mijn vader voor het eerst flink aangeschoten thuis zag komen en er bij mij behoorlijk wat kantelde, omdat ik dat nog nooit had gezien en meegemaakt. Maar het zonk allemaal in het niet bij die meest ingrijpende ervaring die ik onderging op een ochtend in mei 1958.

Ik was ruim veertien en nu achteraf bezien nog gewoon een kind, als ik mij vergelijk met het gedrag, het denken van leeftijdgenoten anno nu, 2020. Want geen denken aan dat die zo van de kook zouden zijn geweest als mij dus overkwam in die vroege morgen van mei, waarop ik bij het wakker worden hoorde, wist dat mijn leven vanaf die dag geheel anders zou worden. Om vervolgens in een roes te raken, een roes van ongeloof en gelukzaligheid, welke de hele dag zou duren en mij optilde naar een wereld waarin ik dat gevoel helemaal zelf moest, kon en ook wilde beleven omdat het door haar kracht en haar speciale karakter moeilijk met anderen te delen was. Het was ook helemaal van mij, dat bijna op wolken lopen. Was dit dan wat geluk genoemd wordt, vroeg ik mij voortdurend af, de hele dag door. Koesteren deed ik het, dat kostbare bezit, dat ik vooral voor mij hield omdat ik er alleen van wilde genieten. Van dat unieke voorrecht dat mij ten deel was gevallen, namelijk dat ik die ochtend een broertje had gekregen. Logisch dat voor mij die dag de tijd stil had mogen blijven staan. In trance verkeerde ik bijna. Zo bijzonder, zo intens was dat gevoel en ook die aaneenschakeling van momenten dat die beleving zich maar bij mij bleef herhalen. Waardoor het mij mijn hele leven lang bij is gebleven en minutieus stolde alsof het een herinnering aan de dag van gisteren was.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Herinneringen en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Op een dag in mei 1958

  1. Christel zegt:

    Wat een prachtige herinnering!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s