Cynisme of verbazing?

In de loop der jaren ben ik er meer dan eens, en ook onzacht, achter gekomen dat het leven lang niet altijd de loop neemt en de vorm krijgt die je zou wensen. En precies zo is het met mijn wereldbeeld gegaan. Niet dat het volkomen in duigen is gevallen. Maar het besef dat de wereld, ook dat kleine deel ervan om mij heen, heel anders in elkaar steekt dan ik vind dat het zou moeten horen, heeft zich ook van mij meester gemaakt. Ik ben bijtijds op aarde geland om mij er tegelijk goed bewust van te zijn dat het verdraaid lastig is om niet cynisch te worden. Dat hoeft niet zolang je nog – ook onaangenaam – verrast kunt worden door het gedrag van je medemensen. Die wetenschap troost mij, hoewel ze schraal blijft, omdat het idee dat het allemaal anders en beter kon, aan je blijft vreten. Ondanks de kennis dat de feiten nu eenmaal zijn zoals ze zich aan je voordoen, en al helemaal als daarbij het gedrag van mensen aan de orde is en dus vaker niet te bevatten. Waarbij ik vermoedelijk de fout maak om te zeer van mijzelf uit te redeneren en daar verklaringen en oordelen op te baseren. Met als gevolg dat het onbegrip met mij op de loop gaat in de weerbarstige praktijk, waarin mensen zonder een boe of bah in je directe omgeving komen wonen, geen moeite doen om zich even aan je te laten zien, maar van meet af aan hun eigen gang gaan. Wat dan jaren voortduurt, hoewel in hetzelfde tijdsbestek best wel eens een praatje wordt gemaakt zonder dat duidelijk wordt wat de voor – en achternaam is.

Ook een groet of een zwaai kan er vanaf, maar in de buurt van hun lijf komt de polonaise niet, of het moet de simpele dienst zijn die hun bewezen wordt als een pakket bij hen niet afleverbaar is. Op zich niets aan de hand met zo’n niveau van leven en laten leven zonder wederzijdse verwachtingen. Misschien zelfs wel het niveau waarop men in ons land met elkaar pleegt om te gaan, haastte ik de bij mij zo nu en dan opkomende verbazing weg te rationaliseren om mijn gemoedsrust te herstellen. Tot er nog niet zo lang geleden die kwaaie dag aanbrak waarop zij met hun hele hebben en houden met de Noorderzon bleken verdwenen. Ze konden in het niets opgelost zijn zonder enige vooraankondiging of wat voor een spoor ook achter te laten. Waarna ik het echt niet meer snapte en mij de vraag stelde of we dan zo met elkaar om moesten gaan, of we kennelijk helemaal niets aan elkaar gelegen moesten laten liggen, of vrijblijvendheid, afstand en elk sentiment dat daarbij hoort, dan de toonhoogte en de klank van onze samenleving bepalen. En of daarin misschien ook de verklaring gelegen is van het massaal overtreden van coronamaatregelen. Omdat men ze niet begrijpt en daardoor solidariteit en nog meer verbondenheid teveel gevraagd zijn en ook een stap te ver. Maar mag ik daar dan toch de grootste moeite mee hebben in plaats van in te gemakkelijk cynisme te vervallen? Want het gaat toevallig wel om wat welzijn en gezondheid van mij die daarbij in het geding zijn.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Persoonlijk. Bookmark de permalink .

5 reacties op Cynisme of verbazing?

  1. drawmargo zegt:

    Ja ik sta ook met raadsels. Enerzijds is het desinteresse in de medemens, anderzijds en ik denk vooral met jongeren, dat ze opgegroeid zijn in een maatschappij en tijd waarin hen niets kon overkomen en ze met niemand iets te maken hebben. Ik raak van die onnozelheid en desinteresse danig gestresst. Er is veel onzeker, ik weet niet hoe het risico zich verhoudt tot de toenadering van mensen tot elkaar. Is het levensgevaarlijk? Ik weet het niet, maar ik wil geen Russisch roulette spelen. En ik wil niet dat een ander dit met mij speelt. Ik wordt er depri en doodmoe van. En boos ook, want de groep die vindt dat ze het zelf wel zullen uitmaken, zal zorgen voor een langere quarantaine tijd, meer gevaar en langer onze kleindochter van 5 niet zien. Van mij zouden ze dus strenger mogen optreden.

  2. math zegt:

    Ik heb wel eens naar “de rijdende rechter” gekeken, maar dan mag je van geluk spreken, wanneer je buren hebt, die je weliswaar niet groeten en niet aanspreken, maar ook niet liegen en bedriegen. De categorie, waar de slinger nog verder de verkeerde kant op zwaait, en de ander zelfs het leven zuur maken en niet na laten voortdurend te koeieneren en sjangeneren, aangedreven door jaloezie. Hoe rotter de levensloop van de ander, hoe prettiger zij in hun vel zitten.
    Dan is het vertrek met de noorderzon reden om de vlag uit te hangen.

    t

  3. sjogkel zegt:

    Na 2 maanden corona mogen we ons ook wel eens een pluim geven incl. de jongeren die het ook bepaald niet makkelijk hebben het was ook voor hun een enorme omschakeling. De onttakeling van nabuurschap en gemeenschapsgevoel soms uitpakt is erg triest.

  4. Mack zegt:

    Ik vind het heel lastig hier een mening over te hebben. Heeft Rob nu gelijk, of is dat ouderwets sentiment? Moet je niet al blij zijn als je geen overlast van je buren hebt, die zich verder netjes hebben voorgesteld?

  5. Dhyan zegt:

    Als je buren krijgt afkomstig uit een grote stad dan zijn ze het sociale contact dat gebruikelijk is in een kleine gemeenschap ook niet zo gewend. Maar als de houding is van wij willen met niemand iets te maken hebben en onze eigen gang kunnen gaan zonder rekening te houden met je te houden is dat een ander verhaal. Buren die op zichzelf willen staan en de fatsoensnormen in acht nemen en rekening met de omgeving houden kan ik goed pruimen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s