De Heerlense moderniteit

De tijd dat Heerlen met al zijn misère in het niet zonk bij het naburige en bruisende Maastricht, dat niet ophield zich op te stoten in de vaart der volkeren, lijkt echt voorbij. Het hoofdstuk van de intense worsteling met zichzelf, met een imago dat maar niet wilde deugen, is afgesloten. Het boek van haar neergang kan dicht, nu het zichzelf opnieuw blijkt te hebben uitgevonden. De weg van een herstel is definitief ingeslagen en de contouren van een nieuw en eigentijds gezicht beginnen zich meer en meer af te tekenen. Waardoor het met Heerlen echt wat aan het worden is en het zich dus meer en meer toont als een stad met een eigen smoel, welke thuis hoort in de eenentwintigste eeuw. Met het ene verrassende paradepaardje na het andere, met uiteraard als beroemdste blikvanger het zgn. Glaspaleis, het vroegere warenhuis Schunck, dat nog van voor de oorlog dateert, maar nog altijd in haar oorspronkelijke staat verkeert, echter nu de functie van museum heeft gekregen. Waar vaker meer dan spraakmakende tentoonstellingen worden gehouden die een bezoek aan dit architectonische pareltje al rechtvaardigen, maar waarvan het interieur zo bijzonder is en ook zo goed bewaard is gebleven dat dat minstens de aandacht van de bezoeker gevangen zal houden. Zo goed heeft Peutz, de ontwerper van het Glaspaleis zijn werk namelijk wel gedaan. Oftewel, hoe tijdloos zijn moderniteit kon zijn. Want we praten over een gebouw dat in 1933 ontworpen en gebouwd werd.

Vijfentachtig jaar later werd de binnenstad van Heerlen met een even tijdloos monument van eigentijdse stedenbouw verrijkt. Op en rond het station verrees het Maankwartier, dat je eigenlijk met eigen ogen gezien moet hebben om te geloven dat zoiets nog tot stand kan komen en dat nog het meest de naam van Gesamtkunstwerk verdient. Wie, als men van deze tijd is en van de stad houdt, wil daarin niet wonen? Doorkijkjes, hellingen, patio’s en vides, trappen, waterpartijen en groen. Het heeft bij elkaar wat weg van een kasbah, want bepaald intiem, ondanks de ruimten die overal aanwezig zijn. En lust voor het oog is nog de beste kwalificatie voor dat Maankwartier, dat stedenbouwkundig gezien misschien wel de verrassing is van deze tijd en eigenlijk vervolmaakt wordt doordat het het Heerlense stationscomplex haast achteloos omarmt en zich tegelijk de buur weet van dat andere Heerlense monument, de Royal-bioscoop, die tegelijk met het Glaspaleis ook van de tekentafel van Peutz kwam. En om het beeld van de Heerlense moderniteit te completeren mogen de talloze muurschilderingen niet vergeten worden. Ze werden door gerenommeerde kunstenaars op de zijkanten van flatgebouwen en woningen aangebracht en verlevendigen aldus het straatbeeld en helpen Heerlen daarmee ook verder op weg naar de moderniteit. Hoewel er nog genoeg werk aan de winkel is om van de Heerlense binnenstad een echt geheel te maken na alle planologische blunders die er met het Schouwburgplein, de Bongerd en het Winkelcentrum ’t Loon zijn begaan. Maar wat waar is, is waar. Een fraai begin is er gemaakt, dat de verwachting rechtvaardigt dat het zelfs met Heerlen toch eindelijk eens goed zal komen.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Limburg en getagged met , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op De Heerlense moderniteit

  1. sjogkel zegt:

    Heerlen trekt te weinig winkelpubliek. Sommige winkelstraten zijn overbodig geworden, nu daar maar eens een plan op bedenken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s