De tweede juli 2015

Een paar weken geleden verscheen een nieuwe roman van schrijfster Maria Stahlie, waaraan zij de titel “De middelste dag van het jaar” had meegegeven. Dat verhaal heeft zij gesitueerd op de tweede juli van 2015, een bloedhete dag, weet ik mij nog maar al te goed te herinneren, waarvoor code rood of oranje gold. Die dag, die dus de middelste dag van het jaar is, staat nog in mijn geheugen gegrift. Allereerst door de onwezenlijke hitte, maar ook doordat ik in de late ochtenduren voor een bijeenkomst in het crematorium in Eijsden moest zijn. Daar kom je ook niet dagelijks en voordien was ik er nog nooit geweest. Aansluitend zat ik aan bij de gebruikelijke koffietafel, met de koffie, de vlaai en de broodjes. In gezelschap van zo’n tachtig hevig transpirerende mensen. Altijd ook een beetje spannend omdat het afwachten is wie je bij je aan de tafel krijgt. Met deze keer een meevaller in de persoon van de vroegere voetballer Janusz Kowalik, die inmiddels ook de zeventig is gepasseerd, maar nog spraakzaam genoeg is om een uur lang te vullen met sappige anecdotes over en uit zijn voetbaljaren bij Sparta, FC Utrecht en MVV, die de ergste hitte dan ook even deden vergeten. Na afloop, het was al een uur of drie geworden, beleefde ik de sensatie van een hitterecord, waarover ik op mijn weblog op diezelfde dag nog het volgende heb geschreven:

“Ik reed vanmiddag rond kwart over drie met mijn auto in de buurt van Eijsden, toen ik voor mijn gevoel op dat moment getuige was van een historisch feit. De digitale thermometer op mijn dashboard wees daar en toen een temperatuur van negenendertig graden aan. Dat moest op een record wijzen, dacht ik meteen, zonder de aanvechting te hebben om ter plaatse te stoppen om aan de lijve te ondervinden hoe dat voelde. Ik was al verhit genoeg toen ik tien minuten daarvoor in Mesch een paar honderd meter moest lopen naar mijn auto. De achtendertig graden op die plek hadden zich al voldoende in mijn huid, mijn hoofd en mijn hersens gehecht en geschroeid, waardoor ik die recordwarmte niet hoefde te ondervinden. Ik vond het wel best zo en keek alleen met aandacht en verwondering naar de wijze waarop die zinderende hitte zich toonde. Ik zag een lege weg, geen mens, groen zonder glans, een lucht die zijn blauw kwijt was door het vlammende zonlicht en asfalt dat krulde, kromde en zachter werd zonder te glimmen en te smelten. Kortom, een ware bakoven die de wereld en onze omgeving dan wordt als de hitte zo’n onbarmhartig gezicht als vanmiddag toont, zonder dat ze een levend wezen echt geselt. Omdat deze warmte nu eens niet bedrukte door een gebruikelijke hoge luchtvochtigheid, maar gewoon schroeide, zinderde en kookte. Het was namelijk 38,2 graden.”

Dat was mijn decor van de dag die Maria Stahlie in haar boek “De middelste dag van het jaar” heeft beschreven en dat daardoor, hoewel het toch een verse herinnering was, weer volledig tot leven kwam en eigenlijk daardoor mijn verhaal werd van die dag, nu weer twee jaar geleden.

Advertenties

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Herinneringen en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s