Mijn Zeeuws – Vlaanderen

Zeeuws – Vlaanderen. Om een of andere reden heb ik er iets mee. Het moet iets te maken hebben met mijn voorliefde voor streken die ergens in de marge of luwte liggen, uit het zicht en daardoor voor mijn gevoel ietwat exotisch zijn. Vandaar dat ik van jongsaf aan al iets met Zuid – Limburg had en mij bijvoorbeeld ook aangetrokken voelde tot Oost – Groningen. In die orde van grootte moet mijn sympathie voor Zeeuws – Vlaanderen gesitueerd worden. Daar moet de  aantrekkingskracht die het op mij uitoefent, haar oorsprong hebben. Waar natuurlijk langs de weg van ervaring ook nog eens voeding aan werd gegeven. Want nog vrij jong, net geen en net wel twintig, raakte ik in die streek verzeild die tot twee keer toe en kort achtereen mij kon bekoren. Wat een werkweek, gehouden in Axel, dus voor gevolgen kan hebben. Een simpel verblijf in een jeugdherberg ter plaatse zonder dat bij mij is blijven hangen wat het feitelijke doel van die week daar was. Maar het beeld dat van Zeeuws – Vlaanderen zoals het toen was, met name bij mij is gaan beklijven, dat is van de lange, gestrekte wegen door de polders, met aan weerszijden ervan over kilometers aan een stuk de populieren, die altijd dominant afstaken tegen donkere wolken die erover heen joegen. Van Axel naar Hulst en van Oostburg naar Aardenburg. Plaatsen die net zo op elkaar leken als de populieren die zich in niets van elkaar onderscheidden, maar toch die streek haar eigen karakter gaven.
Of misschien meende ik dat allemaal gewoon omdat we ons toen nagenoeg in de achtertuin van onze Zuiderburen bevonden. Zo’n idee kan namelijk gemakkelijk van invloed zijn op de waarneming en de perceptie van het moment. Het had zo maar gekund als ik niet kort daarna een zelfde ervaring had opgedaan in compleet andere omstandigheden, namelijk tijdens een nachtelijke oefening, ergens tussen Sluiskil en Axel waar ik, dienstplichtig als ik was, maar mijn weg in het holst van de nacht moest zien te vinden, met kompas en wat coördinaten en bijgelicht door het schijnsel van de Nederlandse Kunstmest Fabriek. Zeeuws – Vlaanderen revisited. Wel anders, maar uiteindelijk zozeer hetzelfde dat daarna alleen nog een verlangen bij mij kon ontstaan om er geregeld, zeg om de zoveel jaren, terug te keren. Tussen de populieren en de suikerbieten en kanalen en die stadjes die zo op elkaar leken, maar desondanks zichzelf bleven en daarmee dat eigen gezicht konden behouden en die specifieke couleur locale tot stand brachten, waardoor hun streek anders was en oogde dan het gemiddelde Nederland. Wat heeft betekend dat we om de zoveel jaar wel weer eens in Biervliet, in Hulst, in Sluis, in Retranchement of in Cadzand waren. Omdat die petieterigheid, dat plattelandse dat zichzelf toch oversteeg, mij bekoorde en bleef trekken. En daarom zit het er dik in dat het er binnenkort wel weer er eens van komt dat we op de Zeeuws – Vlaamse wegen verschijnen. Als het zover is, laat ik er meer van horen, van dat stukje Nederland dat zo ver weg ligt dat ik er wel van moest gaan houden.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in De wereld en getagged met , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Mijn Zeeuws – Vlaanderen

  1. sjoerd zegt:

    Ik logeer er ook wel vaker…

  2. Peter zegt:

    In de jaren 70 toen mijn vader op het vakantieadres ziek werd, moesten we achter de dokter rijden en we maakten toen een spannende tocht over al die smalle dijkwegen met die populieren, onvergetelijk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s