De twee Griekse gezichten

Na een verblijf van een week in een idyllische omgeving als de Peloponnesos, is euforie en enthousiasme na afloop ervan meer dan gerechtvaardigd. Maar tegelijkertijd is er ook de noodzaak tot nuance, omdat dat schiereiland, dat deel van Griekenland, dat bijna – Arcadia, wel degelijk twee gezichten heeft, waarvoor de ogen echt niet gesloten kunnen worden. Want wie een beetje goed rondkijkt, ziet ook een andere werkelijkheid, waaraan niet te ontkomen valt, hoewel je die gelukkig tijdens zo’n trip niet overal en steeds tegenkomt. Echter, de Peloponnesos, hoe fraai ogend ook op het eerste gezicht, heeft toch zo zijn puisten en zwakke plekken. Want neem bijvoorbeeld die absurde staketsels die alom plompverloren in het landschap staan. Van die woningen of kantoren of bedrijfspanden, waar ooit aan begonnen is, met goede moed, maar waar uiteindelijk het mes in het varken is blijven steken, omdat er denkelijk geen geld meer voorhanden was of misschien wel omdat de bouwers of opdrachtgevers de lust voor een vervolg was vergaan. En dan die leegstand, afbraak of verval die zich alom ongevraagd, onverwacht en grijnzend aandient alsof de DDR opnieuw uitgevonden is. Om treurig van te woorden. Wat een verstoring van alle schoonheid die zich gelukkig wel frequenter laat zien. Met als absoluut dieptepunt en concentratie van alle narigheid de stad Kalamata,  beroemd om de zwarte olijven, maar wel de etalage van de Griekse neergang.
Met daarin nadrukkelijk als toonbeeld daarvan die groepen mannen van middelbare leeftijd die niet ophouden de somberste kantina’s met elkaar te bevolken om daar uit te kijken naar een toekomst en perspectief dat in die stad met haar vijftigduizend inwoners en een onderkomen vliegveld in de verste verte niet te vinden is. Zodat wegwezen daar het enige devies kan zijn, zoals de praktijk ter plekke dan ook toont. Omdat de boel er overduidelijk de boel is en nog wordt gelaten. Een domper welke een incident blijkt omdat er elders op eenzelfde schaal een serieus tegenwicht in deze idylle te vinden is. Dat is de verrukkelijke stad Nafplion, welke met haar ruim dertigduizend inwoners bruist van de activiteit en waar met name jonge mensen hun ondernemingszin in vele opzichten botvieren. Zoals haar springlevend centrum met alle verrassende winkeltjes bijvoorbeeld toont, de tientallen restaurants waar de toerist, de bezoeker zich aan allerlei lekkers te buiten kan gaan tegen meer dan schappelijke prijzen. Een lustoord, dat Nafplion dat je echt blij maakt en je doet geloven dat er in Griekenland niet slechts bij de dag of de herinnering wordt geleefd, maar ook over de horizon heen wordt gekeken en de bodemloze put allang gedempt is, dankzij optimisme welke de plaats heeft ingenomen van gemakzucht en lethargie. Waarmee elk levend vooroordeel dus echt is en kan worden geslecht en een geloof in dit mooie land beslist gerechtvaardigd is.
Advertenties

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in De wereld en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op De twee Griekse gezichten

  1. sjoerd zegt:

    Ik hoop dat je weinig last hebt gehad van bedelaars en verkopers die je van alles willen aansmeren. Op onze laatste vakanties naar Italië en in mindere mate Portugal heb ik me daar gruwelijk aan geërgerd.

    • robschimmert zegt:

      Ik kan je gerust stellen. Geen bedelaars, nergens, en geen verkopers van rozen, kaarten, kralen of kleding. Niets van te zien. Dus noch in de kustplaatsen en ook niet in de steden.

      • Margo zegt:

        Daar hebben wij in Griekenland ook nooit iets van gemerkt. Wel in Egypte, en in Turkije, Tunesië. Heel vervelend is dat. Rozenverkopers wel in Spanje.

  2. Peter V zegt:

    Over die niet afgebouwde huizen werd mij in de jaren 90 vertelt, dat dit belastingvoordeel opleverde.
    Kalamata is vorige eeuw met de grond gelijk gemaakt door een aardbeving, men is daar nooit meer goed bovenop gekomen, kennelijk blijft men daar in mineur.

    • Margo zegt:

      Dat hoorden wij ook, dat zolang de bouw niet af was er belastingvoordeel was, maar de duur van het niet afbouwen en de staat waarin het bouwwerk komt na jaren, kan toch alleen maar duiden op kapitaalvernietiging. Soms is niet eens goed te zien of iets is afgebroken dan wel nooit afgebouwd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s