Uit het riet

Eergisteren heb ik mij ontdaan van een van die laatste onaangenaamheden die maar sporen vanuit het verleden naar het heden bleef trekken. Er ging geen jaar voorbij of ik kwam het wel tegen als de grote voorjaarsschoonmaak van de tuin een aanvang nam. De afgelopen herfst had ik er geen fut meer in om het te lijf te gaan en op te ruimen, wetende dat ik er dit voorjaar toch nog een keer aan zou moeten geloven. Mijn gevecht met de bamboe gedurende de hele voorgaande zomer, die van 2015, had mij teveel kracht en energie gekost om in de herfst de zin te vinden om deze laatste rest van rommel en ergernis nog op te ruimen. Genoeg was op dat moment echt genoeg, met name ook omdat de gretigheid en souplesse door dat verdoemde bamboe al uit mijn vingers, polsen en armen was gevloeid. Waar ik trouwens de hele winter nog last van heb gehad. Met het bereiken van mijn leeftijd blijk je niet alles meer ongestraft en zonder repercussies te kunnen doen.  Maar de paar maanden in het jaar 2016 hebben mij toch weer op weg gekregen naar daadkracht en motivatie om de laatste kluit riet – want dat was de onaangenaamheid waar ik van repte – definitief uit mijn tuin te verwijderen. Waarbij niet aan een leien dakje moet worden gedacht.
Want zo’n vaart en zo gemakkelijk verliep die verwijdering niet. In stukjes en beetjes en steeds met de spade die met vaart en grote kracht in die kluit werd gevoerd, om de volgende part te scheiden, beetje bij beetje los te maken en haar vervolgens met wortel en al uit te roeien. En omdat het waarachtig niet om een klein beetje riet ging dat na vijftien jaar immers een stevige pol had kunnen vormen, was die verwijdering zeker geen paskwil, maar veel meer een optelsom van zo’n vijftien kluiten welke er telkens op dezelfde manier en met veel toegediende kracht aan moesten geloven. En het wonderlijke was dat zodra dat riet in haar geheel en na die worsteling was verwijderd, het lichaam het ook haast direct liet afweten. Toch iets van psychologie of zoals de wielrenners dat noemen, iets van moraal, die mij bijna compleet in de steek liet toen ik de aldus braak geworden grond toch nog moest omspitten en egaliseren. Wat bijna teveel van mij, of liever gezegd van mijn lijf en mijn geest, gevraagd was. Hoewel het afmaken van die hele klus uiteindelijk toch lukte door de troostrijke gedachte en het wenkend perspectief dat ik mijzelf verlost had van de troep die dat dode riet steeds na de winter bracht. Ook dat bleek na gedane arbeid een mens gelukkig te kunnen maken.
Advertenties

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Persoonlijk. Bookmark de permalink .

3 reacties op Uit het riet

  1. fialas zegt:

    was het inlands riet of bamboe? Een 25 jaar geleden lichtvaardig geplant polletje bamboe had bij ons uitlopers die opdoken in een spleet van het asfalt in de straat. Net zo erg is de solidago, een prachtige geelbloeiende bijenplant, maar met een wortelkluit van graniet en veel uitlopers.

  2. sjoerd zegt:

    Ach, na gedane arbeid is het goed rusten en het geeft een aangenaam gevoel…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s