De kwestie van mannenrollen

De laatste paar dagen ben ik met enkele vragen en kwesties geconfronteerd welke enerzijds een stevig debat en meningen opriepen, maar waar ik tegelijk een antwoord op schuldig moest blijven. Op een of andere manier bevatten ze een rode draad, die tot een standpunt moest prikkelen. Zeker omdat het vreemd zou zijn als de betreffende thematiek in de sfeer van vrijblijvendheid zou blijven en wat langs je heen ging zonder dat het tot een mening zou leiden. Hoewel ik uitgesproken opvattingen heb, is het tegelijk zo dat het hoe en waarom van een en ander voor mij toch verre van duidelijk is. De belangrijkste gedachtenlijn behelst een maatschappelijke werkelijkheid zoals ik die op dit moment zie. Het een onmiskenbaar feit dat er op dit moment een levensgroot taboe is gaan rusten op de omgang van mannen, uit hoofde van hun beroep of werkkring, met jonge kinderen. De angstvalligheid waarmee daarnaar wordt gekeken of hoe dat wordt beoordeeld, heeft gedurende de laatste jaren buitensporige proporties aangenomen. Door een reeks van incidenten alleszins begrijpelijk, maar aan de andere kant lijkt de hysterie echt te hebben toegeslagen en zit iedere man bij voorbaat zo in het verdachtenbankje dat een beroepsverbod voor bepaalde sectoren voor hem al van kracht is zonder dat hij ook maar iets heeft kunnen presteren of bewijzen. Discriminatie heet dat omdat iemand die bepaald werk wil doen, integer is, door zijn geslacht uitgesloten wordt, met als doel om vermeende maatschappelijke onrust te voorkomen.

Dat proces voltrekt zich momenteel nadrukkelijk rond mannen die in de kinderopvang werkzaam (willen) zijn, terwijl soortgelijke bewegingen evenzeer te verwachten zijn in het onderwijs voor de jongste kinderen en in ziekenhuizen op verpleegafdelingen voor kindergeneeskunde en neonatologie. Waarmee alleen gezegd wil zijn dat we angstwekkend hard aan het doorschieten zijn in onze vrees voor excessen en ontsporingen na enkele kwalijke incidenten. Met als gevolg dat veel goeden onder enkele kwaden moeten lijden nu iedere man de kans op een afwijking krijgt toegedicht waaraan sommige van zijn soortgenoten lijden. Dat heet de wereld op zijn kop waar integriteit en vertrouwen toch de richtsnoer zou moeten zijn in denken en handelen en de voorwaarden bij uitstek zijn om een samenleving echt op orde te houden. Gekoppeld aan deze kwestie en opinie is er nog een vraag die mij ook bezighoudt en intrigeert, te meer omdat er iets van eenzelfde rode draad in zit als bij de kwestie die hiervoor werd gememoreerd. En dat betreft mijn verwondering over het opvallende feit dat het vooral vrouwen zijn die op dit moment zo bezig met yoga zijn, maar zich ook vaker bekennen tot alle mogelijke therapieën en diëten. Wat is hier toch de reden van? Waarom is dat? Daar ben ik best benieuwd naar, waarbij ik me niet tevreden stel met het argument dat het nu eenmaal zo is. Omdat er meer en ook genoeg voorhanden moet zijn om deze opvallende verschijnselen en verschillen te kunnen verklaren.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Samenleving en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

7 reacties op De kwestie van mannenrollen

  1. Margo zegt:

    Sowieso is het hysterie troef lijkt mij. Normale, gematigde reacties zie of hoor je niet meer. Kijk maar naar het zwartepietenracismedebat.
    Nog even en men vindt dat mannen geen vaders meer mogen worden! 😉
    Ik doe trouwens niet aan yoga (wel ooit gedaan) en ook niet aan therapieën of diëten. Dat laatste is niet zo vreemd want we eten met z’n allen veel meer dan we nodig hebben, en willen wel goed voor de dag komen. Dus moet het er weer af. Ik hou niet van al die flauwekul therapieën, als je normaal, gezond leeft heb je het niet nodig ook.

  2. sjoerd zegt:

    Ik weet er alles van het is begonnen in de tijd dat ik nog jonge kinderen judoles gaf. Een typische contactsport. Deed je wat voor met een jongen was het niet goed, en een meisje helemaal al niet. Gevolg was dat we meestal met z’n tweeën les gaven. Tegenwoordig zie je dan ook steeds meer vrouwelijke judoka’s lesgeven.

  3. Dhyan zegt:

    Hier tegenover is een peuterspeelzaal en de man die op de kinderen past doet dat héél luidruchtig alsof ie wil zeggen ik heb niks te verbergen, zie maar ik trek de aandacht zodat je kunt zien dat ik niks met ze uitvreet. Zo vertaal ik die overdadige aanwezigheid.

  4. Ximaar zegt:

    Ook hiervoor ligt voor mij het probleem bij de media en dat mensen die nog teveel geloven. Dwz de media maakt van alles een hype om zo reclamemakers te trekken. Dat goed recht hebben ze natuurlijk. Maar het gaat ook vaak zo ver dat er niet veel van klopt en dan staat een week later een rectifcatie onderaan pagina 17 en die leest niemand. De algemene fout die mensen maken is dat we twijfels hebben over afwijikende standpunten, die dus wel nazoeken. Maar dat bevestigingen van eerdere standpunten direct voor waar worden aangenomen. In de media mag je beide wantrouwen. De makers krijgen te kort tijd om iets goed na te zoeken en doen maar even een straatinterviewtje om de zendijd te vullen. Die laatste is niet uitgebalanceerd met een juiste keuze van voor of tegenstanders.

    Ook worden zaken te populair en te eenvoudig gebracht, waardoor er totaal geen diepte meer is. De mediamakers hebben bedacht dat dat zo moet, anders zappen de kijkers weg of gaat men niet door met lezen. Voor een keertje niet erg, maar tegenwoordig lijkt dit voor alles te gelden.

    Zelf heb ik de indruk dat het vooral na 2000 is begonnen en dat men sindsdien meer oog heeft voor de aandeelhouder dan voor de kwaliteit. Maar het kan heel goed zijn dat het vroeger ook zo was, maar dat ik het toen nog niet in de gaten had, zoals veel jonge mensen het nu ook nog niet in de gaten hebben.

  5. Saar zegt:

    Nav het laatstgenoemde, mijn mannelijke collega’s doen vrijwel allemaal aan yoga en de meesten zijn ook erg bewust bezig met gezond eten. Maar dat zijn dan wel hulpverleners (waarbij vrouwen oververtegenwoordigd). Ik denk dat de ‘typische cliche man’ hier wat te no nonsense voor is. Waarschijnlijk hangt het samen met je score op mannelijkheid/vrouwelijkheid (er bestaat betrouwbare persoonlijkheidsvragenlijst die dit item scoort), dus of je seksespecifiek gedrag aanhangt of niet. En dat kan weer samenhangen met opleidingsniveau, sociaal economische status en intelligentie.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s