Het betonnen gezag

Noch in de wereld rondom noch in de eigentijdse arbeidsverhoudingen is er momenteel plaats voor die typische gestolde gezagsvormen, voor die symbolen van in beton gegoten en onwrikbare autoriteit, zoals die in een verder verleden maar al te zichtbaar waren en gestalte kregen in de grote, boze buitenwereld. En die je daardoor haast van jongsaf aan, ook thuis, met de paplepel kreeg ingegoten. Wat voor mij in de vijftiger jaren begon met de persoon van de rector van een Utrechts gymnasium, die het begrip autoriteit wel kon hebben uitgevonden, het belichaamde en het met hoofdletters schreef. Hij was de autoriteit in woord en gebaar, wat ik zo vaak heb moeten ervaren als ik weer eens te laat op school kwam doordat mijn trein vertraagd was en ik bij voorbaat wist dat het gezag in zijn persoon mij al opwachtte met een tekst uit ‘Faust’ bijna triomfantelijk naar mij opgeheven, en die mij werd aangereikt met als enige, tot vervelens toe herhaalde mededeling “Morgen om kwart voor acht hier uit het hoofd opzeggen.” Waarmee mijn dag op school dus menigmaal begon en meteen al was verpest door dat bijna smadelijk lachend hoofd dat dus de autoriteit, het gezag moest voorstellen. Geen probater middel om daar een beste hekel aan te krijgen, zeker als dat met die geregelde onredelijkheid je werd ingepeperd, terwijl je er niets tegen kon doen, je machteloosheid als het ware bevestigde. De lompheid waar dat mee gebeurde heb ik nadien niet meer zo ervaren.

Hoewel de subtiliteit waarmee de autoriteit in haar onwrikbaarheid later zo nadrukkelijk werd onderlijnd, wel minstens even pijnlijk en zelfs afstotelijk was, omdat het grenzen passeerde en haast haar karikatuur benaderde als het niet zo levensecht was geweest. Waarmee allereerst dat rode lampje wordt bedoeld dat boven een direktiekamer was aangebracht in het Utrechtse kantoor van de Algemene Bank Nederland op het Janskerkhof aldaar en dat aan ieder die daar kwam, heel duidelijk maakte dat degene die daar werkte, een direkteur, niet gestoord wenste te worden wanneer het betreffende lampje brandde. Maar dat het nog gekker en fnuikender kon, merkte ik in de tweede helft van de zeventiger jaren toen ik bij de Limburgse Tramweg Maatschappij in Heerlen werkte. Daar had de direkteur afgezien van zijn meer dan royale werkkamer een eigen keuken en WC, welke dus alleen door hem gebruikt mochten en konden worden. Wat zoveel betekende dat als hij een kopje koffie wenste, dat dan een van de dames van kantoor werd opgetrommeld en verzocht om in zijn domein even die koffie voor hem te zetten. Zo ging dat toen en ben ik later niet meer tegengekomen. Waardoor het herinneringen zijn geworden, zeker geen zoete, aan een gelukkig gestold verleden, dat bij iedere oudere waarschijnlijk ook nog zo in het geheugen is gegrift. Mag ik daar ook eens voorbeelden van weten die net zo te gek voor woorden zijn?

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Herinneringen en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Het betonnen gezag

  1. sjoerd zegt:

    Hier haalt de directeur de koffie voor mij als ik dat vriendelijk vraag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s