O, o Den Haag

Het is ooit het grootste dorp van Nederland genoemd en in die geest eigenlijk ook bezongen door Harrie Jekkers met zijn “O, o, Den Haag” en door Connie Stuart, toen ze zich afvroeg wat voor een weer het er zou zijn. Die geest heeft die stad nog altijd niet verlaten, ook al zou ze nog zo graag anders willen getuige alle ambitieuze hoogbouw rond het spoorwegstation Den Haag Centraal. Gelukkig is het toch nog altijd dat dorp gebleven, zij het dat het wel meer tussen servet en tafellaken is komen te verkeren. Laat het s.v.p. zo blijven. Dat het die nog altijd aanwezige langzame rust koestert van dat sluimerend Indisch verleden zoals dat zich opeens op een willekeurige straathoek kan laten zien. Net zo moeten die chic en die deftigheid die niets willen weten van die grootsteedse lawaaiigheid, vooral in ere gehouden worden. En dan die trams die stijlvol hun weg zoeken en mogen vinden omdat de verkeerschaos nu eenmaal niet in de Hofstad regeert. Over de hoofden hoef je er evenmin te lopen, omdat het verblijf in de binnenstad niet bestaat uit het winkelen daar, maar begint en eindigt in een van die vele tearooms en grand café’s, die Den Haag rijk is en waar het vinden van een vrije stoel evenveel inspanning kost als het zoeken naar een speld in die bekende hooiberg. De bonbon, de thee, en de capuccino met de Bailey of Amaretto zijn er gewild en de kers op de taart die het Haagse leven blijkbaar is, althans vermoeden doet.

Kom nog maar eens om de kalmte in een stad van dit formaat, waar de nabijheid van de zee en haar lucht het gemoed, het sentiment en temperament kennelijk kalmeert en mensen terug bij hun eigen formaat brengt. Waar nog een winkelgebied zichzelf met een duidelijke knipoog aanprijst als ‘Haagsche bluf’. Wat voor de goede verstaander onderlijnd wordt met namaakgevels die gefabriceerd zijn van papier maché. Een staaltje van plaatselijke humor dat er zijn mag en de buitenstaander en bezoeker gelijk voor zich inneemt, typisch Haags als dit is. Zoals evenmin die Passage nog weg te denken is. Maar hoe kan het ook anders als ze daar op die onvermoede plek, vlak achter het Spui, al zo’n honderddertig jaar bestaat en maar onveranderlijk de geest van de negentiende eeuw blijft uitademen. En doet het dan niet weldadig aan om in dat monument nog altijd, na daar zestig jaar terug voor het eerst mee te zijn geconfronteerd, de tabakszaak aan te treffen welke dezelfde als jouw eigen naam draagt? Wat toen als magisch werd ervaren, heeft nog altijd een zweem ervan. Zou het een neef of een achterneef of een achterachterneef van mij zijn die daar in die winkel staat? Spannend omdat het toch een exclusieve naam blijft, Hamilton, en telkens weer hoort bij zo’n dagje Den Haag, bij de sfeer die je daar treft en ook ondergaat. Waardoor je je daar, ook gisteren weer, in zekere zin thuis en op je gemak moet gaan voelen.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Persoonlijk en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op O, o Den Haag

  1. sjoerd zegt:

    Om heel eerlijk te zijn ben ik er nog nooit geweest. Wel in Scheveningen en in de buitenwijken waar het Nederlands automuseum staat. Maar nooit in de binnenstad…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s