De Nederlandse musical

Een muziek – en dramavorm waar ik nul komma nul affiniteit mee heb, is de musical. En dat is mij nauwelijks te verwijten. Het is er in nog geen twintig jaar namelijk wel naar gemaakt, nadat veertig, vijftig jaar terug met ‘My Fair Lady’, ‘The West Side Story’ en een aantal werken van Andrew Lloyd Webber een nieuw soort theatertraditie leek te ontstaan, die weliswaar van een lichtere toets was, maar tegelijk een hoge artistieke waarde bezat gezien het gehalte van de teksten en de muziek. Waardoor de première van een nieuwe musical in die tijd op Broadway of in Londen een gebeurtenis van belang was, waar over de gehele wereld reikhalzend naar werd uitgekeken. Zo uniek mocht zo’n eerste opvoering destijds gerust genoemd worden, wat uiteraard te danken was aan de hoge kwaliteit van de bezetting die er telkens toch weer voor gevonden werd, met waarachtig niet de geringste namen daarbij. Zoals bijvoorbeeld om die ene naam te noemen, die van de dirigent die vaak zijn opwachting daarbij maakte, namelijk Leonard Bernstein met in zijn spoor uiteraard steeds weer een reeks van toppers, omdat hij het voor minder niet deed. Hoezeer tijden kunnen veranderen en ook in musicals de klad kan optreden, hebben wij in Nederland ervaren, waar al snel het inzicht veld won dat met die nieuwe kunstvorm geld te maken was. Met als gevolg dat de wereld omgekeerd leek te worden en ons land zich in een ommezien ontpopte tot het centrum van de musicalwereld.

Die indruk werd althans sterk gewekt, ook alsof die hier haar bakermat had. Met welke beeldvorming de godfather van ons Nederlands theater, Joop van den Ende, alleen maar garen kon spinnen. Want aldus werd het klimaat er alleen maar gunstiger op om musicals als warme broodjes aan de man te brengen, de een na de ander, waarbij de inhoud er allang niets meer toe deed. Als de verpakking maar lekker oogde, dan schoof het allemaal zo zeker als wat. Dat werd de praktijk die al snel navolging en imitatie kreeg met alleen maar nog meer musicals van een bedenkelijk artistiek allooi, maar altijd weer smakelijk verpakt met daarbij een handzaam verhaaltje zonder een lastige of ingewikkelde boodschap. Waardoor dertien in een dozijn gemakkelijk werd gehaald en vanzelfsprekend ook meer van hetzelfde met als enige onderling verschil dat het ene zouteloze verhaaltje net niet het andere was, maar telkens voorspelbaar, want tot vervelens toe geput uit dezelfde bron, de vaderlandse canon en geschiedenis, zonder enige beperking en zelfkritiek. Met als finale uitkomst een eindeloze reeks van Nederlandse musicals die elkaars kopieën konden zijn en waar je wel op uitgekeken moest raken met al die herhalingen van herhalingen in tekst, muziek en bezetting, die elk talent en iedere kwaliteit alleen de kop konden kosten. Vandaar dat ik het allemaal wel heb gezien en mij ver houd van deze poel van ellende, waarin uitsluitend nog klinkende munt komt boven drijven.

Over robschimmert

een senior met een brede belangstelling en een sterke maatschappelijke betrokkenheid, die daaraan op schrift en in de vorm van een weblog vooral uitdrukking wil geven.
Dit bericht werd geplaatst in Kunst en cultuur en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s